Oude wijn in nieuwe zakken?

Kruimelpad

Pad tot huidige pagina :
 

Oude wijn in nieuwe zakken?

Persoonlijk verslag van deelnemer Emmeke van der Laan

30 maart 2010
 - 
Renske Keur

In de raadzaal van stadsdeel Oost-Watergraafsmeer zitten zo’n 30 belangstellenden klaar voor het verhaal achter crowdsourcing. Ik ben daar één van. Drie experts op het gebied van naamgeving, vormgeving en wetgeving staan klaar om ons in te wijden in de succes- en faalfactoren.

Krista Wisselaar van merkenbureau Globrands doet de aftrap. What’s in a name? Het komt allemaal aan de orde. Wie ben ik, waar moet ik staan? Bepaal je waarden. Maak je keuze future proof. Vacuvin maakt nu ook keukenproducten die niets met wijn te maken hebben en dat is niet echt handig. Maak altijd een shortlist van mogelijke namen: het kan zijn dat je favoriete naam al door een ander wordt gebruikt of teveel lijkt op de naam van een andere speler in de markt. Ook is het slim even te checken of de beoogde merknaam een ongewenste betekenis heeft in een andere taal.

Alexander Berger van design- en communicatiebureau G2K maakt duidelijk dat een merk niet kan zonder beeld. Een goed ontwerp is meer dan een logo. Het ontwerp verbeeldt het karakter van identiteit van de organisatie. Na een reeks aansprekende voorbeelden van goede of juist slechte ontwerpen doen we een wetenschappelijke test! De groep wordt in tweeën gedeeld. De opdracht is om bij een langzaam zichtbaar wordend logo aan te geven wanneer je weet om welk merk het gaat. De eerste groep krijgt het logo van Zwitsal niet in zachtgeel maar in rood te zien. De andere helft krijgt hetzelfde beeld te zien maar dan wel in de bekende kleur. Het logo werd hierdoor seconden eerder herkend. Kortom: kleur is een sterk herkenningskenmerk!

Bas Kist van octrooi- en merkenbureau Zacco vertelde welke voetangels en klemmen we tegen kunnen komen in de wetgeving rond namen. Conclusie: een beschrijvende naam is niet te beschermen en het is vervelend als je merknaam een soortnaam wordt, zoals bijvoorbeeld bij TomTom het geval is. Dit bedrijf moet voortdurend protest aantekenen bij kranten die TomTom schrijven als ze navigatiesysteem bedoelen. Doen zij dit niet, dan lopen zij het risico dat een ander bedrijf met de naam TomTom aan de haal gaat en dat zij dan in een eventuele rechtzaak aan het kortste eind trekken.

Martijn Staal van TNO gaat in op doelgroep en doelstellingen. Bij open innovatie en co-creatie gaat het om het ontwikkelen en verbeteren van producten, diensten en beleid samen met gebruikers, klanten, consumenten, bedrijven en experts. De basisgedachte daarbij is dat de massa het (bijna) altijd beter weet. Cocreatie kan worden ingezet in de concept, ontwikkelings-, test- en gebruiksfase. Crowd-sourcing kan een rol spelen in het voorkomen van negatieve publiciteit. Welke vragen moet je beantwoorden als je co-creatie wilt inzetten, wat zijn de valkuilen? Daarna zijn we in groepjes aan de slag gegaan met de thema’s uit Amsterdam Opentt: Fietsparkeren, Red Light District en Samenwerken aan energie. De verticale gemeente versus de platte, informele en anarchistische crowd Alles bij elkaar veel stof om over na te denken!

Na de pauze is de beurt aan Boudewijn Zeijlmans van Favela Fabric. Crowdsourcing kan éénrichtingsverkeer zijn, cocreatie is een dialoog. Daar willen we uiteindelijk naar toe. En waarom doet iemand eigenlijk mee aan crowdsourcing? Er moet wel iets te halen zijn. Zachte elementen spelen daarin een belangrijke rol. De crowd is plat, informeel en anarchistisch. Een verticale organisatie als de gemeente moet wel kunnen communiceren met de platte crowd. De belangstelling voor de oplossing moet wel echt zijn. Bovendien: als je een grote groep betrokken krijgt bij een vraagstuk heeft de uitvoering meer draagvlak. Belangrijk is dat de discussie wordt gestuurd. De kaders moeten duidelijk zijn en de processen moeten goed worden ingericht. Intern moet alles eerst goed geregeld zijn. De plannen die uit de crowdsource voortkomen moeten wel uitgevoerd kunnen worden. Ook belangrijk: als het doel bereikt is is het klaar! Dan nog een laatste opdracht: om de belangstelling van de crowd te wekken maken we een (virtueel) filmpje. Vraag is: wie willen we voor de camera hebben, waarom wil die persoon voor de camera en wat moet-ie zeggen. Vind je crowd

Is crowdsourcing het wondermiddel is voor alle communicatievraagstukken? Dat niet. Maar het is zeker een uitdagend extra middel dat kan worden ingezet. Wie ermee aan de slag wil moet wel verder willen kijken dan gewoonlijk. Misschien komt de oplossing op je vraagstuk niet uit Amsterdam maar uit Groningen. Of zelfs uit Duitsland of Japan. Je moet de crowd voor jouw vraagstuk dan ook weten te vinden. Dat vereist weer specifieke vakkundigheid of in elk geval vindingrijkheid. Kortom: een spannende ontwikkeling in het communicatievak. Hoewel we in de tijd uitliepen bleven de deelnemers aan de workshop (bijna) allemaal tot het eind.