MPG (multiprobleemgezinnen) en OMPG (overlastgevende multiprobleemgezinnen)

In een beperkt aantal (soms overlastgevende) multiprobleemgezinnen zijn de problemen zo groot dat het de hulpverlener niet lukt om de problemen op te lossen. Voor deze beperkte groep kan, onder regie van gemeente en stadsdelen, worden besloten tot de inzet van een zogenaamd MPG-traject.

Kruimelpad

 

MPG (multiprobleemgezinnen) en OMPG (overlastgevende multiprobleemgezinnen)

14 maart 2012

In een beperkt aantal (soms overlastgevende) multiprobleemgezinnen is de problematiek dermate complex dat het de hulpverleners niet lukt de problemen te stabiliseren dan wel op te lossen. Voor deze beperkte groep kan, onder regie van gemeente en stadsdelen, worden besloten tot de inzet van een zogenaamd MPG-traject. Hierbij wordt de problematiek aangepakt op basis van een ‘gezinsplan van aanpak'. De gezinsmanager/coach ziet toe op naleving van de afspraken en doelstellingen.

In een aantal gevallen blijkt uit het ‘gezinsplan van aanpak' dat de woonproblematiek de meest dominante (stagnerende) factor is. In 2011 hebben WZS, DMO en de AFWC afgesproken om maximaal 25 urgenties per jaar toe te kennen aan (O)MPG gezinnen. Vanwege de complexiteit in combinatie met een allerlaatste kans op een woning is strakke regie en maatwerk geboden.

De route voor aanmelding van een (O)MPG-gezin voor urgentie:

  1. De gezinsmanager/ gezinscoach draagt het gezin voor bij de procesmanagers MPG van DMO.
  2. Alleen de procesmanagers MPG van DMO kunnen besluiten om een (O)MPG gezin bij WZS voor te dragen voor urgentie.
  3. De aanvraag voor urgentie wordt door de procesmanagers rechtstreeks ingediend bij de afdeling Indicaties van WZS.
  4. In het casuïstiek overleg tussen WZS en DMO wordt de aanvraag besproken op basis van het gezinsplan van aanpak.
  5. Het betreft een eenmalig aanbod van een woning.

Minimale voorwaarden die daarnaast voor het gezin gelden:

  1. Minimaal 2 jaar wonen in Amsterdam.
  2. Er is een afbetalingsregeling getroffen voor schulden.
  3. Voldoende inkomen hebben en voldoen aan de voorwaarden voor een sociale huurwoning.

Het gezin wordt in het kader van het MPG-traject intensief begeleid op de nieuwe woning. Dit houdt in:

  1. Er is een gezinsplan van aanpak.
  2. De begeleiding is uitgewerkt in een begeleidingsplan.
  3. Er is sprake van een bewoningsovereenkomst (dus geen huurcontract).
  4. Het gezinsplan van aanpak, het begeleidingsplan en de bewoningsovereenkomst zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en vormen samen de overeenkomst voor begeleiding en bewoning.
  5. Als het gezin de afspraken in het ‘gezinsplan van aanpak' of in het ‘begeleidingsplan' niet nakomt, dan wordt de bewoningsovereenkomst ontbonden en de woning ontruimd. Het gezin kan daarbij geen aanspraak maken op huurbescherming.
  6. Evaluatie door WZS en DMO elk halfjaar of zoveel eerder als nodig is.