Burgemeester en wethouders van Amsterdam maken ingevolge artikel 1.3.1. van het Besluit ruimtelijke ordening, het volgende bekend:
Het gemeentebestuur van Amsterdam heeft het voornemen om het bestemmingsplan Herinrichting De Ruijterkade-Westertoegang voor te bereiden. Het bestemmingsplan Herinrichting De Ruijterkade-Westertoegang valt in het gebied Westelijk Stationseiland.
Het plangebied van het bestemmingsplan Herinrichting De Ruijterkade-Westertoegang wordt als volgt begrensd:
- Aan de oostzijde loopt de grens tot en met de Passage Westertoegang;
- Aan de zuidzijde loopt de grens langs de scheiding tussen de openbare ruimte en de uitgegeven en bebouwde percelen. De tunnel onder het spoor maakt deel uit van het bestemmingsplangebied tot aan de grens met stadsdeel Centrum. Het bebouwde deel valt buiten het plangebied en de bestaande, openbare verkeersruimte met stoepen, de parallelweg, parkeerruimte en wegvakken voor langzaam- en gemotoriseerd verkeer, behoren tot het plangebied;
- Aan de westzijde volgt de plangrens de oostelijke rand van de Westerdokssluis;
- Aan de noordzijde loopt de plangrens door Het IJ, zodanig dat de na de verbreding van de kade opnieuw aan te sluiten steigers van de riviercruiseschepen binnen het plangebied vallen.
Het bestemmingsplan Herinrichting De Ruijterkade-Westertoegang maakt de herinrichting van de openbare ruimte mogelijk. Langs de De Ruijterkade zal een volwaardig fietspad in twee richtingen worden gerealiseerd. De passage Westertoegang (oostzijde) wordt verdiept, zodat de doorrijhoogte ruimer wordt. De bestaande steigers voor de aanleg van een aantal riviercruiseschepen worden verplaatst en vervangen door nieuwe steigers.
Gelet op de huidige wet- en regelgeving is het noodzakelijk een bestemmingsplan in procedure te brengen dat voorziet in een planologische regeling voor het gebied. Dit bestemmingsplan beoogt hierin te voorzien.
Het bestemmingsplan geeft uitvoering aan het inrichtingsplan ‘Herinrichting openbare ruimte Westelijk Stationseiland (WSE). Op het Inrichtingsplan heeft inspraak plaatsgevonden. Gelet op deze reeds geboden mogelijkheid is besloten in dit stadium van de bestemmingplanprocedure af te zien van het ter inzage leggen van de stukken en het bieden van gelegenheid tot het naar voren brengen van zienswijzen. Tevens is besloten om af te zien van de mogelijkheid om een onafhankelijke instantie in de gelegenheid te stellen advies uit te brengen over het voornemen.
Het eerste moment waarop gelegenheid wordt geboden tot het indienen van zienswijzen is bij de tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan. Te zijner tijd wordt dit bekend gemaakt.
Amsterdam, 12 december 2012
burgemeester en wethouders,
mr. A.H.P. van Gils
secretaris
mr. E.E. van der Laan
burgemeester