Veel gevraagd
Pad tot huidige pagina

Sportplan 2013-2016: focus op gezonder leven

5 juni 2012
-
David Valentijn Pruijt

Voldoende bewegen en een hoge sportparticipatie van zowel jeugd als volwassenen zijn de hoofddoelen van het Amsterdamse Sportplan 2013-2016. Daarnaast komt het accent meer op gezondheid te liggen: het stimuleren van een gezonde levenstijl staat centraal in de aanpak tegen overgewicht van de Amsterdamse jeugd. Naast de breedtesport wordt ook ingezet op topsport als inspiratiebron. Dat staat in het sportplan 2013-2016.

Wethouder Sport Eric Van der Burg: ‘We leggen een groter accent op de rol van sport en bewegen voor je gezondheid. Bij een vitale stad hoort in de eerste plaats een bevolking die gezond eet en voldoende beweegt. Daar begint het mee. En dat kan een stuk beter. Deelname aan sport is goed, maar om overgewicht tegen te gaan is toch meer nodig: bewegen en gezond eten. Wij hebben de afgelopen jaren vooruitgang geboekt, maar we willen juist op dit terrein nog veel meer.'

Amsterdam zit volop in de uitvoering van het Sportplan 2009-2012. Met dit plan is al veel succesvol in gang gezet om de Amsterdamse jeugd en volwassenen meer te laten sporten en bewegen. Daar gaat Amsterdam vol meer verder. Het Sportplan 2013-2016 is dus geen nieuw plan, maar een verdere uitwerking van het vorige plan.

Het Sportplan 2013-2016 richt zich op:

  • Jeugd. Met het oude Sportplan is het sportaanbod op scholen, tijdens en na schooltijd, al flink toegenomen. Het accent komt nu nog sterker op gezondheid te liggen. De acties gericht op voldoende bewegen en gezond eten, worden gebundeld in het programma "Amsterdammers op gezond gewicht" (AOGG). Dat is de Amsterdamse aanpak van de landelijke beweging 'Jongeren op gezond gewicht' (JOGG). Dit betekent onder andere dat de JOGG-aanpak wordt uitgebreid naar vijf wijken en dat er meer uren gymnastiek door vakleerkrachten worden gegeven. Daarnaast wordt het JUMP-in programma uitgebreid naar 100 basisscholen en voorscholen. JUMP-in is een gemeentelijk project en zorgt er sinds 2002 voor dat kinderen tussen vier en twaalf jaar meer bewegen en gezonder eten. Het doel is dat voor 2016 80% van de Amsterdamse jeugd wekelijks aan sport doet.
  • Volwassenen. Bij deze doelgroep wordt intensief samengewerkt met stadsdelen, sportaanbieders en de eerstelijnszorg (zoals huisartsen en fysiotherapeuten) om met name ouderen en mensen met overgewicht gezonder te laten leven en meer te laten bewegen of sporten. Daarnaast richt het plan zich nadrukkelijk op de grote groep tussen de 35 en 55 jaar. Deze groep sport relatief weinig, vooral als ze kinderen hebben. Om hen te stimuleren is meer publieksinformatie en sportpromotie noodzakelijk. Doel is dat 75% van de volwassen Amsterdammers wekelijks aan sport doet.
  • Sportverenigingen. Nu is één op de vijf Amsterdammers lid van een sportvereniging. Voor 2016 moet dat één op de vier zijn. Dat betekent 50.000 leden erbij. Het aantal combifunctionarissen (schakel tussen scholen en sportverenigingen) wordt daarom verder uitgebreid. Verder wordt bij elke sportvereniging gekeken of er groei mogelijk is, zodat er gerichte maatregelen kunnen worden genomen om die vereniging te laten groeien.
  • Topsport. Het moet mogelijk blijven om in Amsterdam excellente sportprestaties te leveren. Topsporters en topsportverenigingen moeten kunnen beschikken over excellente faciliteiten en ondersteuning. Amsterdam wil daarnaast topsportevenementen blijven gebruiken om met side-events jeugd enthousiast te krijgen voor de sport en bewegen.
  • Sportinfrastructuur. Hoofddoel van het sportplan is en blijft meer mensen laten bewegen en sporten. Daarvoor is een goede sportinfrastructuur essentieel. De accenten in het sportplan blijven liggen op de kwantiteit, spreiding en kwaliteit van accommodaties.

Wethouder Sport, Eric van de Burg, presenteert het Sportplan 2013-2014 op 6 juni in de raadcommissie Sport.

Pb-100

-----