Van de Amsterdammers kan 37% minimaal één wethouder bij naam noemen, dit is vergelijkbaar met de vorige meting. Lodewijk Asscher is de bekendste wethouder, ruim een kwart (27%) kan zijn naam noemen. Op plaats twee staat Marijke Vos met 18%, gevolgd door Maarten van Poelgeest (11%) en Carolien Gehrels (10%).
Het aandeel dat weet dat het college van Burgemeester en Wethouders bestaat uit de partijen PvdA en GroenLinks (18%) is op het laagste punt in vier jaar. In 2006 was dit 30% en in de twee jaren erna 21%. Een op de vijf Amsterdammers (20%) kent de naam van de stadsdeelvoorzitter van het stadsdeel waar men woont, tegen 17% in 2008. Net als vorig jaar is het voor de Amsterdammer moeilijk om een naam van een gemeenteraadslid op te noemen. Vorig jaar slaagde 8% hier in, dit jaar 6%.
| Bekendheid van wethouders, gemeenteraadsleden en partijen van het college, 2002-2009 (procenten) |
|
Verschillen tussen stadsdelen
In de stadsdelen Slotervaart (53%) en Zuidoost (38%) is de bekendheid van de stadsdeelvoorzitter net als vorig jaar het hoogst. In Zeeburg is de bekendheid van de stadsdeelvoorzitter in vergelijking met vorig jaar het meest toegenomen. Kon in 2008 12% de juiste naam noemen, dit jaar kent een derde (34%) de naam van Fatima Elatik. Het is opvallend dat het bij alle drie de hoogst scorenden stadsdelen om stadsdeelvoorzitters van allochtone herkomst gaat.
| Bekendheid stadsdeelvoorzitter naar stadsdelen, 2009 (procenten) |
|