Het lijkt erop dat er binnenkort wordt gevoetbald in de tuin van de ambtswoning. Burgemeester Eberhard van der Laan overweegt om met zijn gezin te verhuizen naar de Herengracht. Hij vertelt: 'Mijn kinderen zouden zo'n tuin geweldig vinden. Wij hebben aanvankelijk geaarzeld om te verhuizen, we wonen lekker in Oost. Maar een verhuizing naar de ambtswoning heeft ook voordelen, er zijn daar veel bijeenkomsten. Mijn vrouw kijkt voorzichtig rond naar scholen in de buurt. Ik heb ook wel gevoel voor de traditie dat de burgemeester van Amsterdam in de ambtswoning woont.'
De ambtswoning komt vrij nu oud-burgemeester Cohen een nieuw huis heeft gekocht in de stad. Gaat Van der Laan eigenlijk anti-kraak wonen? Hij lacht: 'Een gekraakte ambtswoning zou zeker voor ontruiming in aanmerking komen.'
Een pappa die burgemeester is, biedt ook andere voordelen. Zondag nam Van der Laan zijn kinderen mee naar de ontvangst van Sinterklaas. 'Het was fenomenaal. Mijn voorgangers Cohen en Patijn genoten er ook altijd zo van. Het is zonder meer een hoofdtaak van de burgemeester, de sinterklaasintocht haalt het mooiste in iedereen naar boven. Ik hoorde van een ervaren Piet hoe opmerkelijk het is dat in Amsterdam ook de vaders volop meedoen. En ik sprak iemand van de politie die verantwoordelijk is voor wat er die dag op het water gebeurt. Hij vertelde me dat hij alles organiseerde namens de Dienst Toezicht Water. De grap is dat die dienst helemaal niet bestaat, maar alles marcheert.'
Ook zijn grotere kinderen voelen zich betrokken bij zijn rol als burgemeester. Van der Laan: 'Ik werd door COC en Red Amsterdam gewezen op het optreden van een Amerikaanse hiphopband, donderdagavond in de Melkweg. Zij zouden in hun teksten oproepen tot geweld tegen homo's. Ik heb de Melkweg gevraagd het concert stil te leggen als er zoiets zou gebeuren. Dat was gelukkig niet nodig. Mijn zoon en dochter meenden dat het beter was als ik me er niet mee zou bemoeien omdat er dan teveel gewicht aan gegeven zou worden. Ik vond het, samen met de wethouders Van Es en Gehrels, toch belangrijk te laten weten dat wij hier in Amsterdam niet gediend zijn van discriminerende teksten.'