Project ‘Lunchen op school’ smaakt naar meer

De negen Amsterdamse basisscholen die in het schooljaar 2010-2011 aan de pilot ‘Lunchen op School' van de GGD Amsterdam hebben meegewerkt, zijn enthousiast over het gezamenlijk gezond lunchen op school. Leerlingen vinden het lekker en gezellig en ook de ouders zijn overwegend tevreden. Leren gezond te eten is mede belangrijk door het vaak voorkomen van overgewicht en obesitas onder Amsterdamse leerlingen[1]. De scholen ervaren een positief effect van het gezamenlijk lunchen in het pedagogisch klimaat (rust, sociale omgang en dergelijke), concentratie in de klas na de lunch, werk voor vrijwilligers/moeders, kennismaking met voeding uit andere culturen en wennen aan en het leren waarderen van gezonde voeding. Het landelijke Platform Lunchen op School heeft vandaag de Amsterdamse evaluatie uit handen van wethouder Eric van der Burg (Zorg) in ontvangst genomen op basisschool Spaarndammerhout, een van de pilotscholen. Het Platform gebruikt de evaluatie als input voor het ontwikkelen van een landelijk ondersteuningsprogramma voor lunchen op basisscholen.

Kruimelpad

 

Project ‘Lunchen op school’ smaakt naar meer

26 januari 2012
 - 
Hanane Lechkar

De negen Amsterdamse basisscholen die in het schooljaar 2010-2011 aan de pilot ‘Lunchen op School' van de GGD Amsterdam hebben meegewerkt, zijn enthousiast over het gezamenlijk gezond lunchen op school. Leerlingen vinden het lekker en gezellig en ook de ouders zijn overwegend tevreden. Leren gezond te eten is mede belangrijk door het vaak voorkomen van overgewicht en obesitas onder Amsterdamse leerlingen[1]. De scholen ervaren een positief effect van het gezamenlijk lunchen in het pedagogisch klimaat (rust, sociale omgang en dergelijke), concentratie in de klas na de lunch, werk voor vrijwilligers/moeders, kennismaking met voeding uit andere culturen en wennen aan en het leren waarderen van gezonde voeding. Het landelijke Platform Lunchen op School heeft vandaag de Amsterdamse evaluatie uit handen van wethouder Eric van der Burg (Zorg) in ontvangst genomen op basisschool Spaarndammerhout, een van de pilotscholen. Het Platform gebruikt de evaluatie als input voor het ontwikkelen van een landelijk ondersteuningsprogramma voor lunchen op basisscholen.

 

Fotograaf: Edwin van Eis

Landelijk vervolg

Wethouder Van der Burg heeft vandaag het eindrapport Lunchen op School gepresenteerd en overhandigd aan Kete Kervezee, voorzitter van de Primaire Onderwijsraad. Zij heeft het rapport in ontvangst genomen namens het landelijke Platform Lunchen op School waaraan zij vanuit de PO-Raad deelneemt. De lessen uit de Amsterdamse pilot vormen een belangrijke 'stepping stone' voor de verbredingsaanpak die het Platform wil inzetten. Via het Platform buigen goed ingewijde sleutelpersonen uit onderwijs, gezondheid, overheid en bedrijfsleven zich over een schoollunchprogramma. Het doel van zo'n programma is praktische ondersteuning te bieden aan scholen die een lunchvoorziening willen starten. De aanpak is vraaggestuurd en inpasbaar in de schoolorganisatie en ouders zijn betrokken. Het Innovatie­Netwerk[1] faciliteert dit Platform, dat zoveel mogelijk wil voortbouwen op bestaande programma's rond gezondheid en onderwijs zoals Jongeren Op gezond Gewicht (JOGG) en de Gezonde School.

Pilot Lunchen op School

Negen Amsterdamse basisscholen die hebben aangegeven graag met gezond lunchen op school aan de slag te willen, hebben een eenmalige stimuleringssubsidie gekregen. Hiermee hebben ze geëxperimenteerd met verschillende soorten van lunchvoorziening voor de kinderen op school. De scholen konden een aantal lunchmodellen als inspiratiebron gebruiken bij het kiezen van een bij hun school passende vorm. Elke school vulde dit anders in. De lunchmodellen die de basisscholen hebben getest, zijn grofweg in te delen in vier organisatietypen:

  • Lunch bereid op school, vaak door vrijwillige moeders.
  • Lunch door externen bereid en bezorgd op school (catering).
  • Kinderen smeren zelf brood op school.
  • Kinderen lunchen op een externe locatie in de buurt van de school.

Wethouder Van der Burg: "Ik ben blij met de uitkomsten van dit project en ik ga kijken hoe  we dit kunnen uitbreiden over heel Amsterdam. Dit project past ook heel goed in de Amsterdamse JOGG-aanpak, Jongeren op Gezond Gewicht. Het is een mooie illustratie van hoe de school, de ouders thuis én de lokale omgeving met elkaar samen kunnen werken aan een gezonde leefstijl voor kinderen. Deze aanpak biedt duidelijk ook mooie kansen voor publiekprivate samenwerking. Daarnaast komt er landelijk aandacht en ondersteuning en die is uiteraard ook heel welkom."

Situatie tussenschoolse opvang in Nederland

Scholen zijn verplicht leerlingen de mogelijkheid te bieden om tussen de middag op school te blijven. Kinderen die op school eten, nemen normaal gesproken voor de overblijf eten mee van huis. Er zijn echter signalen dat kinderen geen eten meekrijgen, niet goed eten en/of lunchtrommels bij zich hebben gevuld met ongezonde voeding. Bovendien blijkt uit onderzoek van de GGD dat overgewicht nog steeds een groot probleem is. Deze problemen komen vooral voor op scholen in sociaaleconomisch zwakke wijken. Uit onderzoek dat ter voorbereiding van het project is uitgevoerd op vijftien Amsterdamse basisscholen blijkt dat zowel scholen als ouders niet tevreden zijn over het lunchen tijdens de huidige tussenschoolse opvang. Genoemde nadelen van de huidige situatie zijn onder andere de hoge kosten, de kwaliteit van de opvang en te weinig tijd om rustig te lunchen.

Pb-006

Het evaluatierapport LoS is te vinden op http://www.gezond.amsterdam.nl/Over-de-GGD/Publicaties/Rapporten

Voor meer informatie:

Marleen Nieuwenhuis, gemeente Amsterdam

Maria Knapen, Platform Lunchen op School

Hans Rutten, InnovatieNetwerk

 

[1] Cijfers overgewicht in Amsterdam 2010:

5 jarigen: 19,5% is te zwaar; 14,1% heeft overgewicht en 5,4% heeft ernstig overgewicht (obesitas). Er is een grote spreiding over de stadsdelen.

10 jarigen: 27,1% is te zwaar; 20,5% heeft overgewicht en 6,6 heeft ernstig overgewicht (obesitas). Er is een grote spreiding over de stadsdelen.

 

[1] InnovatieNetwerk ontwikkelt grensverleggende vernieuwingen in landbouw, agribusiness, voeding en groene ruimte en draagt er aan bij dat die door belanghebbenden in de praktijk worden gebracht. Het gaat om innovaties gericht op duurzame ontwikkeling en met een focus op de langere termijn. Het Ministerie van EL&I initieerde en financiert InnovatieNetwerk.