Sportplan 2009-2012

Kruimelpad

Pad tot huidige pagina :
 

Sportplan 2009-2012

Amsterdam kiest voor de sport

Arjan Borrias

Het Sportplan 2009-2012 is een ambitieus plan van de centrale stad, waarbij is samengewerkt met de stadsdelen. Het Sportplan 2009-2012 is van het hele college. Sport, Gezondheidszorg, Onderwijs, Ruimtelijke Ordening en Wijkaanpak. Sport in het hart van de samenleving, daar draait het om!

Verantwoordelijk wethouder sport bij de presentatie: “Er ligt nu een vierjarenplan waar we in vliegende vaart mee vooruit kunnen, zodat alle Amsterdammers hun leven lang actief zijn. Dit betekent dat er aandacht is voor sport en bewegen, voor competitie en recreatie, voor jong en oud en voor grote en kleine evenementen. In Amsterdam kan iedereen meedoen. En er is niet alleen aandacht voor deze groepen, maar juist ook voor de vele sporttalenten in de stad. Want de basis voedt de top, omdat die top de basis inspireert.”

Jongeren: Sport op school

Sport op school is de basis. Alle kinderen op de basisschool moeten in Amsterdam gymles krijgen en na schooltijd kunnen sporten. Alle kinderen kunnen kennis maken met het plezier van sporten, ongeacht het inkomen van hun ouders. Dit college investeert daarom extra in de basisscholen. Zo worden tussen 2009 en 2012 honderd schoolsportverenigingen opgericht. Ook de sport op het speciaal onderwijs krijgt de komende jaren een grote impuls. Amsterdam koppelt dit sportaanbod aan overgewichtprogramma’s. Dit betekent extra aandacht voor gezonde voeding op school en voorlichting aan ouders. Leerlingen op het VMBO zijn hierbij een belangrijke doelgroep. De wethouders nemen hiermee een voortrekkersrol in de aanpak van het snelgroeiende probleem van overgewicht bij jongeren.

Volwassenen: Inactieven actief

Hoewel het aantal volwassen sporters in Amsterdam de laatste jaren is gestegen, zijn nog veel groepen volwassenen inactief. De stap naar zelfstandig sporten blijkt voor hen vaak te groot. Amsterdam wil meer programma’s voor ouderen en voor mensen met beperkingen, overgewicht of chronische aandoeningen. Zo moeten er in 2012 2000 mensen meer per jaar meedoen aan bewegingsprogramma’s. De stadsdelen hebben ook een grote rol in het meer laten sporten van vrouwen van minderheidsgroeperingen. Een grote uitdaging ligt hier in het laten bewegen van Hindostaanse, Turkse en Marokkaanse vrouwen, omdat zij met afstand de laagste sportparticipatie en de grootste gezondheidsproblemen van alle Amsterdammers hebben.

De wethouder: “Sport en gezondheid zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wij stemmen deze programma’s dan ook goed op elkaar af. We willen dat de Amsterdammers gezonder worden en sport speelt daar een belangrijke rol in. Het helpt ook om mensen actiever te maken zodat ze minder vereenzamen.”

De verenigingen

In Amsterdam zijn ongeveer 800 verenigingen in vijfenvijftig takken van sport, waar 150.000 Amsterdammers hun sport beoefenen. Met 12.000 actieve vrijwilligers staan die sportverenigingen onder druk. Terwijl steeds meer kinderen lid worden, haken volwassenen, de vrijwilligers waar de verenigingen op draaien, juist af. Dit baart zorgen en daarom gaat het college de vereniging de komende jaren intensief ondersteunen, door onder meer de inzet van 108 combifuncties. Dit zijn professionals die zowel op de sportverenigingen als in het naschoolse sportaanbod werken en zo een brug kunnen slaan. Gezien de lage sportparticipatie op het MBO zou de wethouder graag zien dat de Haagse regeling voor de combifuncties wordt verbreed naar de eerste twee klassen van het MBO.

Ruimte voor de sport

De meeste Amsterdammers weten hun weg naar sport goed te vinden. Zij zijn in groten getale gaan fietsen en hardlopen. Dit betekent wel dat de openbare ruimte de komende jaren sportiever moet worden ingericht. Met hardloop-, fiets- en skeelerroutes en meer ruimte voor sport in het groen bijvoorbeeld. Ook zullen Amsterdamse kinderen meer dan nu moeten worden geprikkeld om buiten te bewegen.

Speciale aandacht is er in het Sportplan voor de Sportas. Die loopt van het Wagenerstadion in het Amsterdamse Bos, via de Bosbaan, de Sporthallen Zuid en het Olympisch Stadion naar Sportcomplex Riekerhaven. De Sportas staat loodrecht op de Zuidas. Het gebied heeft op dit moment nog onvoldoende samenhang. Het is de bedoeling om die de komende jaren substantieel te versterken.

Olympische inspiratie

Bij de metropool Amsterdam hoort topsport. Amsterdam lonkt naar het Wereldkampioenschap voetbal in 2018 en de Olympische Spelen in 2028. Vanzelfsprekend zet Amsterdam de komende jaren in op topsportvoorzieningen voor talenten en aansprekende sportevenementen. We zullen voor het WK voetbal een stadion voor 75.000 bezoekers gerealiseerd moeten hebben. Met het Olympisch vergezicht gaat er nog een schepje bovenop: We willen een overtuigend 'trackrecord' van aansprekende evenementen op WK- en EK-niveau opbouwen om de wereld te laten zien dat we in staat zijn om de Olympische Spelen te organiseren.