In 2010 gaat het college gericht investeren om de effecten van de economische crisis te dempen en Amsterdam sterker uit de crisis te laten komen. Extra middelen komen er voor de zwakkere groepen die het hardst getroffen worden. Om Amsterdammers aan de slag te houden worden maatregelen genomen om de arbeidsmarkt en het onderwijs te stimuleren. Het college maakt nadrukkelijk de keuze voor duurzaamheid; niet alleen omdat het goed is voor het milieu, maar óók voor de werkgelegenheid. Amsterdam wil veilig en gastvrij blijven voor bewoners en bezoekers en trekt ook hiervoor extra geld uit. De ruimtelijke sector is hard geraakt door de crisis. Om (acute) problemen in de gebiedsontwikkeling op te lossen werkt het college, samen met de bouwsector, aan steunmaatregelen voor noodzakelijke en beeldbepalende projecten. Dit zal worden bekostigd door andere projecten uit te stellen.
De Voorjaarsnota is richtinggevend voor de besprekingen van de Begroting 2010 die in het najaar zijn. In de Voorjaarsnota doet het college een voorstel aan de gemeenteraad over de hoofdlijnen van de vrij beschikbare ruimte in de begroting. De uiteindelijke beslissing van de gemeenteraad over de Voorjaarsnota dient als richtlijn voor het college bij de voorbereiding van de Begroting 2010. Op dit moment is er € 18,3 miljoen structureel en € 167,2 miljoen incidenteel extra beschikbaar voor 2010. Onduidelijk is nog wat de gevolgen van Rijksbeleid zijn voor de begroting van 2010.
Om alle investeringen mogelijk te maken stelt het college voor om eenmalig € 18 miljoen te bezuinigen en structureel € 16 miljoen. Zo wordt er voor € 4 miljoen bezuinigd op de inhuur van extern personeel. Ook worden versoberingen op het gemeentelijke apparaat doorgevoerd. Het college houdt nadrukkelijk de mogelijkheid open om, als dat nodig is, aanvullende bezuinigingen door te voeren om de begroting op orde te houden.
Amsterdams Investeringsfonds
Het college stelt de gemeenteraad voor om een Amsterdams Investeringsfonds in te stellen met een omvang van € 73 miljoen. Dit fonds wordt in eerste instantie gevoed uit het Schipholdividend en inkomsten uit de verkoop van NUON. Dit fonds zal de komende jaren ‘verstandig’ en ‘duurzaam’ worden ingezet. Het fonds wordt gebruikt voor investeringen in de stad die zich terugverdienen en is daarmee een maatregel om Amsterdam op de langere termijn sterker uit de crisis te laten komen.
Bespreking in de raadscommissies en in de gemeenteraad
De Voorjaarsnota 2009 wordt in week 25/26 in de raadscommissies besproken en op 1 juli in de gemeenteraad.
Bijlage:
Achtergrondinformatie Voorjaarsnota 2009
Achtergrondinformatie Voorjaarsnota 2009
De Voorjaarsnota is richtinggevend voor de besprekingen van de Begroting 2010 die in het najaar zijn. In de voorjaarsnota doet het college een voorstel aan de gemeenteraad over de hoofdlijnen van de vrij beschikbare ruimte in de begroting. De uiteindelijke beslissing van de gemeenteraad over de voorjaarsnota dient als richtlijn voor het college bij de voorbereiding van de Begroting 2010. Op dit moment is er € 18,3 miljoen structureel en € 167,2 miljoen incidenteel extra beschikbaar voor 2010. Onduidelijk is nog wat de gevolgen van Rijksbeleid zijn voor de begroting van 2010 .
Bij de verdeling van de beschikbare middelen is gekeken naar de relevantie met betrekking tot het Programakkoord, de economische crisis en het ontzien van de zwakkere groepen in onze gemeente. Dit heeft geleid tot een verdeling in 5 aandachtsgebieden en een voorstel voor het opzetten van een Amsterdams Investeringsfonds.
Amsterdams investeringsfonds
Het college stelt de gemeenteraad voor om een Amsterdams Investeringsfonds in te stellen met een omvang van 73 miljoen. Dit fonds wordt in eerste instantie gevoed uit het Schipholdividend en inkomsten uit de verkoop van NUON. Dit fonds zal de komende jaren ‘verstandig’ en ‘duurzaam’ worden ingezet. Het fonds wordt gebruikt voor investeringen in de stad die zich terugverdienen en is daarmee een maatregel om Amsterdam op de langere termijn sterker uit de crisis te laten komen.
Het Amsterdamse investeringsfonds heeft vier pijlers:
- ruimtelijke investeringen ( 20 miljoen):
Het college vindt het belangrijk om de stad te blijven ontwikkelen. Om deze ontwikkelingen in gang te zetten of te versnellen kan het nodig zijn om bepaalde gebouwen, of plekken, aan te kopen. In het investeringsfonds is ruimte gemaakt om dergelijke anticiperende aankopen te kunnen doen. Binnen deze pijler vallen activiteiten die niet passen binnen de bestaande ruimtelijke fondsen, zoals de (her)ontwikkeling van het Wallengebied (project 1012) en reserveringen van middelen voor de exploitatielasten van strategische aankopen van vastgoed en/of grond.
- energie en duurzaamheid ( € 20 miljoen):
Deze pijler bevat rendabele investeringen in energiebesparing. Relatief bescheiden impulsen van de overheid kunnen leiden tot substantiële investeringen. Naast het ‘Groene banenplan’ wordt de ontwikkeling van Stadswarmtenet nader uitgewerkt in deze pijler. De afronding hiervan, het aansluiten van andere delen van de stad vergen forse investeringen. Naast het ‘Groene banenplan’ is de verdere ontwikkeling van Stadswarmtenet een onderwerp dat nadere uitwerking in deze pijler verdient.
- kennis innovatie, onderwijs en cultuur ( 15 miljoen):
De beschikbaarheid van goed opgeleide mensen is de belangrijkste vestigingsfactor voor bedrijven. Door toptalent aan te trekken en op te leiden kan Amsterdam stimuleren dat kennisintensieve bedrijven zich in de regio vestigen. De ontwikkeling van het toponderwijs past als investering onder deze pijler.
- financiële speelruimte (€ 18 miljoen):
Amsterdam moet voorbereid zijn om (financiële) tegenvallers op te vangen en enige financiële armslag te hebben om direct noodzakelijke maatregelen te kunnen treffen.
Vrije ruimte: vijf aandachtsgebieden
Het college wil de beschikbare vrije ruimte in de begroting 2010 voor het overgrote deel* inzetten voor extra investeringen in onderstaande vijf aandachtsgebieden (€ 18.3 miljoen structureel en € 90.2 miljoen incidenteel) en het instellen van een Amsterdams Investeringfonds (€ 73 miljoen incidenteel).
- Arbeidsmarkt en scholing (€ 8.1 miljoen structureel en € 34.5 miljoen incidenteel )
Omdat het aantal uitkeringen toeneemt, net als het beroep op armoederegelingen en de schuldhulpverlening, wil het college € 17 miljoen van het bedrag beschikbaar stellen voor de start een actief armoedebeleid en de uitvoering van armoederegelingen.
Om te voorkomen dat mensen blijvend aan de kant komen te staan, is het nodig ‘levenslang’ te blijven leren. In het bijzonder jongeren moeten nu doorleren. Dan vergroten zij hun kansen op werk wanneer de conjunctuur aantrekt. Tegelijkertijd groeit zo een beter opgeleide beroepsbevolking die past bij de moderne, kennisintensieve economie.
Oudere werknemers zijn straks hard nodig. Daarom moeten we nu zorgen zij niet extra hard getroffen worden door de crisis en inzetten om de participatie van oudere medewerkers vergroten.
Intensieve arbeidsbemiddeling moet de match tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt verbeteren. Doorleiding naar werk in sectoren als zorg en onderwijs bieden daartoe kansen.
Met de partners in het Platform Arbeidsmarkt en Onderwijs (onder meer ROC’s, Hogescholen, UWV en de Kamer van Koophandel) heeft het college op de Arbeidsmarkttop van 23 april afspraken gemaakt over 23 acties om arbeidsmarkt en scholing een extra impuls te geven.
- Leefbaarheid, veiligheid en gastvrijheid (€ 5.2 miljoen structureel en € 31.5 miljoen incidenteel)
Oplopende werkloosheid, toename van armoede, schulden en uitzichtloosheid kunnen een bedreiging vormen voor de sociale cohesie in de stad. Het college zet dan ook extra geld in voor het in stand houden van het voorzieningenniveau, het beheer van de openbare ruimte, het versterken van de wijkeconomie en het bevorderen van veiligheid. Een belangrijke investering doet het college in de sociale infrastructuur (Programma Maatschappelijke Investeringen € 15.9 miljoen incidenteel).
De inspanningen op het gebied van jeugd en veiligheid hebben een extra impuls nodig. De aanpak van veelplegers mag niet verslappen en de probleemgebieden van de stad - hot spots en prachtwijken - verdienen juist nu extra aandacht (€ 3.5 miljoen structureel en € 2,2 miljoen incidenteel).
Leefbaarheid en veiligheid zijn ook een belangrijke basis voor verdere economische ontwikkeling, voor de middenstand en de grootwinkelbedrijven en voor de toeristische aantrekkingskracht. Ook investeringen in cultuur (Stedelijk Museum), sport en evenementen als Sail, Koninginnedag en de Gay Pride moeten doorgang blijven vinden.
- Economie, innovatie en ondernemerschap (€ 0.6 miljoen structureel en € 9.8 miljoen incidenteel)
In periodes van crisis heroverwegen internationale ondernemingen hun vestigingslocaties. Vaak concentreren zij zich op een beperkter aantal locaties. Voor Amsterdam is dit een bedreiging, maar het biedt ook kansen. Het college wil zoveel mogelijk internationale ondernemingen aan de stad binden.
Het midden- en kleinbedrijf is de innovatiemotor van de Amsterdamse economie. Het is noodzaak de voorwaarden die de overheid schept voor ondernemers gunstig te houden. Daarom verstrekt de gemeente microkredieten, creëert kansenzones en stimuleert veilig ondernemen. De dienstverlening vanuit de ondernemershuizen wordt in samenwerking met de Kamer van Koophandel en brancheorganisaties verbeterd en via het MKB-loket is informatie snel digitaal beschikbaar (€ 0.6 miljoen structureel en € 5.7 incidenteel).
Ook een Duurzame economische ontwikkeling, Connectiviteit (digitale infrastructuur), Talentontwikkeling, Kennis en innovatie, Ondernemerschap en excellente dienstverlening dragen bij aan de versterking van de economische structuur. Het college investeert daar de komende tijd € 4.1 miljoen incidenteel in. De gemeente Amsterdam is bezig met de ontwikkeling van één loket voor talentontwikkeling, bedoeld voor het stimuleren van activiteiten, die gericht zijn op de ontwikkeling van de talenten van de Amsterdamse jeugd van 0-23 jaar. Het Apolloloket heeft als doelstellingen samenhang aanbrengen in activiteiten gericht op talentontwikkeling, tegengaan van versnippering van subsidiëring op dit gebied; meer continuïteit in het aanbod; aansluiten van het aanbod bij de behoefte van de doelgroep en een betere spreiding over de stad;2009 is een aanloopjaar voor het Apolloloket. Het college besloten om de regeling structureel te maken voor een bedrag van 860.000 euro.
- Ruimtelijke ontwikkeling en woningbouw (€ 4.4 miljoen structureel en € 14.5 miljoen incidenteel
Amsterdam blijft aan veel plannen werken. De crisis maakt het noodzakelijk om te focussen en nadrukkelijk te kiezen voor doorgaan, faseren of tijdelijk stopzetten van projecten. De gemeente, het Rijk en de bouwsector (corporaties en marktpartijen) bundelen hun krachten op een beperkter aantal ruimtelijke en infrastructurele projecten. De bouwsector heeft hier met de gemeente unaniem voor gekozen. Projecten die doorgaan, kunnen zo een extra impuls krijgen en worden versneld. (€ 1.6 miljoen structureel voor Noord-Zuidlijn en Amstelveenboog en € 2.8 miljoen voor infrastructuur en incidenteel € 11 miljoen voor IJburg en zuidelijke IJ-oevers en € 3,5 voor onder meer de Rode Loper).
De gemeente zet met het actieplan ‘Woningbouw in tijden van crisis’ in op het realiseren van meer huurwoningen en het betaalbaar maken van koopwoningen. Concreet betekent dit dat de gemeente risicodragend participeert in de tijdelijke omzetting van koop- naar huurwoningen en dat de gemeente de voorwaarden verruimd om in aanmerking te komen voor een starterslening.
Met het Rijk wordt overlegd over de aanleg van de nieuwe sluis om de zeetoegang van de Haven Amsterdam te verbeteren.
Voor renovaties en reconstructies is een bedrag van € 2,3 miljoen uitgetrokken. Dit wordt onder meer besteed aan de renovatie van de Magere Brug en reconstructie van de hoofdwegen Amstelveenseweg (deels) en Hobbemakade. Hier wordt tegelijkertijd de verkeersveiligheid verbeterd door de aanpak van black spots.
- Duurzame ontwikkeling (€ 3.6 miljoen incidenteel)
Amsterdam investeert in maatregelen gericht op een duurzame ontwikkeling van de stad. Duurzaamheid en een duurzame economie zullen in de toekomst een steeds belangrijkere rol gaan spelen. De gemeente vervult hierbij een voorbeeldrol en investeert bijvoorbeeld in energiebesparing in gemeentelijke gebouwen en scholen en het stimuleren van elektrisch vervoer. Ook wil de gemeente een eigen duurzaam energiebedrijf starten. Specifiek voor havenbedrijven komt er een Innovatie- en duurzaamheidfonds, waaruit zij financiële ondersteuning kunnen krijgen bij maatregelen die het algemeen belang dienen maar moeilijk te financieren zijn. Daarnaast zullen innovatieve ideeën die tegelijk andere thema’s (duurzaamheid, milieu, ruimtebesparing, minder wegvervoer) ondersteunen bij voorrang een financiële bijdrage uit dit fonds ontvangen.
* € 0.4 miljoen incidenteel geld is bestemd voor eerder genomen besluiten en onvermijdelijke kosten.