Omdat situaties veranderen of mensen hun mening wijzigen, verandert een gemeentebestuur zijn maatregelen, zijn doelen en zijn werkwijzen. Vooral na verkiezingen zal dat gebeuren.
Wanneer de gemeenteraad een aantal maatregelen neemt, die met elkaar samenhangen om een bepaald doel te bereiken, dan heet dat "beleid". Als de gemeenteraad een ander pakket maatregelen wil nemen, dan heet dat beleidsverandering. Hoe langer een beleid niet is veranderd, hoe vaker vele beslissingen aan ambtenaren worden overgelaten. Het heten dan "uitvoeringsbesluiten".
Invloed uitoefenen
Als Amsterdammers of actiegroepen en organisaties het niet eens zijn met plannen van de gemeente, dan kunnen ze verschillende wegen bewandelen. Een echte beleidsverandering (b.v. een ander parkeerbeleid, een grote verandering in een bestemmingsplan), zal altijd via de raadscommissie en de gemeenteraad gaan. Een "uitvoeringsbesluit" (b.v. meer fietsenrekken in een straat neerzetten dan gepland is) veranderen kan vaak door rechtstreeks contact met ambtelijke medewerkers of door bij een beroeps-commissie actie te ondernemen (b.v. bezwaar aantekenen tegen het verlenen van een bouwvergunning).
Wanneer ambtenaren aanvoelen, dat het veranderen van een uitvoeringsbesluit leidt tot een beleidsverandering, dan zullen ze het voorstel aan de wethouder van het stadsdeel of de gemeente voorleggen. Ambtenaren hebben vaak wel enige vrijheid om zelf besluiten te nemen of aan hun chef voor te leggen, maar niet veel. Zij kunnen wel vaak goede informatie geven over wat kan en niet kan en over wat u moet doen om iets dat nu nog niet kan, wel gedaan te krijgen: met een raadslid of een wethouder contact opnemen.
Er zijn verschillende manieren waarop Amsterdammers hun mening aan de gemeente of een stadsdeel kunnen laten weten. Hieronder staan ze aangegeven:
Overleg
Bij sommige belangrijke besluiten wil het gemeentebestuur of het stadsdeelbestuur eerst overleggen met bewoners en andere belanghebbenden. Overleg is het uitwisselen van meningen, om tot goede voorstellen te komen of, om ruwe voorstellen goed uit te werken. Het bestuur kan bewoners en belangengroepen uitnodigen om met het bestuur en bijvoorbeeld investeerders of financiers te overleggen, of bewoners kunnen zelf om overleg vragen als ze horen dat plannen voorbereid gaan worden. Overleg is gebaseerd op de erkenning dat alle deelnemers een eigen waardevolle inbreng hebben. Bewoners als degenen die de omgeving kennen, maar ook de sfeer van de buurt of wijk en de gevoeligheden Een voorbeeld van overleg is de wijze waarop de vernieuwing van de Bijlmermeer is vormgegeven.
Inspraak
Minder vergaand dan overleg is "inspraak". De gemeente of het stadsdeel heeft plannen voorbereid en gesproken met de financiers en de uitvoerders. Voordat de ambtelijke dienst het voorstel aan de wethouder en de raadscommissie voor legt, wil hij de mening van de omwonenden en belanghebbenden weten. De plannen kunnen dan nog iets veranderd worden om rekening te houden met hun bezwaren. Soms wordt de hoofdbeslissing meegedeeld als vaststaand besluit, maar kunt u inspreken op onderdelen. Een voorbeeld van dit laatste is de vestiging van een dagopvang voor drugverslaafden; dat die er komt, kan vaststaan en wordt in een voorlichtingsbijeenkomst meegedeeld. Over de manier waarop buurtbewoners de goede gang van zaken kunnen begeleiden is wel inspraak mogelijk.
Een hoorzitting
Een hoorzitting is een speciale vergadering van een raadscommissie over een belangrijk onderwerp, waar de raadsleden de betrokkenen zelf willen horen over een voorstel, waarover een besluit genomen moet worden. Het ambtelijk stadium is dan achter de rug. Wel kunnen raadsleden het voorstel van de wethouder in een commissievergadering of in een raadsvergadering veranderen door middel van wijzigingsvoorstellen.
Inspraak in een commissie
Inspreken in raadscommissies lijkt op een hoorzitting, met één verschil: het is geen aparte bijeenkomst van de raadscommissie. Bij veel agendapunten kunt u zich 24 uur voor de vergadering als inspreker aanmelden bij de secretaris van een raadscommissie om in te spreken over een onderwerp, dat op de agenda van een raadscommissie staat. Bij het begin van de bespreking van dat agendapunt, krijgen insprekers hooguit drie minuten per persoon het woord (en tezamen maximaal 20 minuten per onderwerp). Daarna gaan de raadsleden onderling hun standpunten uitwisselen. Omdat raadsleden vaak zelf al een standpunt hebben ingenomen - soms in overleg met de rest van hun fractie - moet je sterke argumenten hebben om hen te overtuigen.
Voor het aanmelden kunt u het formulier op deze site gebruiken of u belt met de volgende telefoonnummers van de secretariaten:
- Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Integraal Veiligheidsbeleid, Personeel en Organisatie en Bestuurlijk Stelsel 020 - 552 22 24
- Milieu, Openbare Ruimte en Groen, Sport en Recreatie en Bedrijven 020 - 552 22 24
- Werk en Inkomen, Educatie, Jeugd en Diversiteit en Grotestedenbeleid 020 - 552 35 46
- Financiën en Economische Zaken 020-552 28 55
- Zorg, Cultuur, Lokale Media en Monumenten 020-552 28 55
- Stedelijke Ontwikkeling en Waterbeheer 020 - 552 35 46
- Verkeer, Vervoer, en Infrastructuur, Zeehaven en Luchthaven en Informatie- en Communicatietechnologie 020 - 552 22 24
De agenda's van de raadscommissies worden ook op deze site gepubliceerd.
Aanspreken van een raadslid
Iedereen kan een lid van de gemeenteraad bellen, mailen, schrijven of om een gesprek vragen. U hoeft geen lid van zijn of haar politieke partij te zijn. Kom wel met een concrete vraag of opmerking. Echt persoonlijke zaken kunnen raadsleden niet zo gemakkelijk regelen. Voor een huis, een uitkering of een paspoort moet u de officiële ambtelijke weg bewandelen. Wel kunnen ze aan misstanden iets doen. Ook kunt u met hen praten over onderwerpen die op de agenda van een raadscommissie staan: subsidies, bouwplannen ed. Of over onderwerpen, die op de agenda van een raadscommissie thuis zouden horen. Wilt u een gemeenteraadslid per e-mail bereiken, dan kunt u dat ook doen via het e-mail adres van zijn of haar partij.
Contact met een wethouder
De werkdag van wethouders en van de burgemeester is gevuld met besprekingen, vergaderingen en lezen van stukken. U kunt hun secretaresse bellen om een afspraak te maken, maar hun agenda's zijn vaak overvol. Burgemeester en wethouders kunt U ook per e-mail vragen of opmerkingen sturen over de onderwerpen waar zij zich mee bezig houden.
Brief aan de gemeenteraad/raadsadres
Een brief aan de gemeenteraad is een laatste mogelijkheid om uw mening te laten horen. U kunt aan de raad een brief sturen met uw mening wanneer een onderwerp op de raadsagenda staat. Maar vaak is het dan te laat: raadsleden hebben al in een commissievergadering over het onderwerp gesproken en de raadsfracties hebben hun standpunt al ingenomen.
Overigens kunt u ook een brief (in ambtelijke taal heet dat "raadsadres") sturen over elk ander onderwerp. De gemeente moet een raadsadres altijd beantwoorden als de brief gericht is "aan de gemeenteraad", ondertekend is (dus niet anoniem) en iets vraagt.
De gemeenteraad besluit in de eerstvolgende vergadering welke wethouder en raadscommissie de brief zal behandelen. De schrijver krijgt een brief met de behandelprocedure en als zijn brief in een raadscommissie wordt besproken, zal hij of zij uitgenodigd worden.
Een referendum
Voorlichting
Voorlichting kan op twee momenten plaats vinden: ofwel als begin van overleg of inspraak ofwel aan het eind. Een voorlichtingsbijeenkomst aan het begin van een overleg, of een inspraak-procedure, moet ervoor zorgen dat alle deelnemers over dezelfde informatie beschikken.
Voorlichting aan het eind van een inspraak-procedure is er om de amsterdammers te vertellen wat het gemeentebestuur besloten heeft.
Soms worden voorzieningen in een buurt gevestigd zonder inspraak vooraf, maar waarover wel voorlichting wordt gegeven. Bijvoorbeeld projecten voor verslaafde prostituées. Vaak is er dan wel overleg met de buurt over de manier om het project zonder veel overlast te laten functioneren.
Belangengroepen en actiegroepen
Amsterdammers hebben zich op veel manieren verenigd om gezamenlijk hun belangen of hun ideeën aan te orde te stellen, zoals winkeliersverenigingen, huurdersverenigingen, verkeersgroepen ed. De stad telt zo'n 1.600 van deze organisaties.
Bij hen kunt u informatie krijgen, u erbij aansluiten of ondersteuning vragen. Wijkopbouworganen bundelen of ondersteunen bewonersgroepen in hun wijk. De stadsdelen en de gemeente zoeken regelmatig contact met deze groepen.
Adviesraden en adviescommissies
De gemeente heeft adviesraden en adviescommissies ingesteld, waarin deskundigen en/of vertegenwoordigers van belangengroepen zitten.
Amsterdam telt ruim 30 adviesraden en -commissies, zoals de Sportraad, de Kunstraad, de Seniorenraad, de Schoonheidscommissie en de vijf adviesraden Minderheden.
De meeste raden kunnen gevraagd en ongevraagd adviezen uitbrengen aan het gemeentebestuur. Zo kan de gemeenteraad de mening van deskundige Amsterdammers en hun organisaties betrekken bij het beleid. De adviezen van deze raden en commissies komen niet in de plaats van inspraak en overleg.
Bezwaar maken
Het gemeentebestuur, de stadsdeelbesturen en hun ambtenaren nemen dagelijks vele kleine beslissingen (zogenaamde beschikkingen), die voor Amsterdammers individueel wel belangrijk kunnen zijn. Het verlenen van bouwvergunningen, kapvergunningen, vrijstellingen en dergelijke komt erg vaak voor. In diverse amsterdamse kranten, bij voorbeeld het Amsterdams Stadsblad, publiceren de deelraden welke beslissingen zij van plan zijn te gaan nemen. Belanghebbenden, bijvoorbeeld de buren, kunnen een brief schrijven met hun bezwaren tegen het verlenen van een vergunning. Voordat het bestuur de vergunning verleent, zal het eerst de binnengekomen bezwaren moeten bekijken. Het kan dan extra voorwaarden verbinden aan een vergunning of een vergunning uiteindelijk weigeren. In de advertenties kunt u lezen waar de voorstellen ter inzage liggen, waarheen u uw brief met bezwaren kunt sturen en tot welke datum u bezwaar kunt indienen.
In beroep gaan
Als het bestuur een vergunning of vrijstelling verleent, kunt u in beroep gaan, wanneer u blijft vinden dat uw belangen te veel geschaad worden. Als u in beroep wilt gaan tegen een beschikking van de overheid, moet u dat doen bij het gemeentelijk orgaan, dat de beschikking heeft gegeven (de gemeenteraad, de stadsdeelraad, het College van Burgemeester en wethouders, de Burgemeester). Wanneer dit orgaan uw beroep af wijst, kunt u vaak in hoger beroep gaan bij de Provincie Noord-Holland en de Kroon.
Klachten indienen
Wanneer u vindt dat een ambtenaar u niet goed behandeld heeft, kunt u een klacht indienen bij de directeur (of stadsdeelsecretaris) van die ambtenaar of dienst. De gemeentelijke organisaties hebben elk een klachtenregeling, zodat zij opmerkingen van burgers over het gedrag van hun medewerkers, serieus kunnen bekijken. Voor klachten over de politie kunt u schrijven naar de Commissie voor de Politieklachten, Stadhuis.
Zorg ervoor, dat u in uw brief en mail beschrijft wat er gebeurde, waar en wanneer en wat er naar uw mening mis ging. Als u namen weet van betrokken personen, vermeldt die dan. Omdat anonieme klachten niet behandeld worden, moet u ook uw naam en adres vermelden.
Pas als de directeur uw klacht niet serieus neemt, kunt u daarna een klacht indienen bij de gemeentelijke ombudsman (telefoon 020 625 99 99). Zij onderzoekt klachten over gemeentelijke diensten en bedrijven. Ook klachten over ambtenaren van het stadsdeel kunt u bij de ombudsman indienen, als uw klacht bij het stadsdeel zelf niet naar behoren is behandeld.
De ombudsman behandelt uw klacht niet, als u al naar de rechter of Raad van State bent gestapt, als de zaak al ouder dan een jaar is, als de gemeente er niets over te zeggen heeft of wanneer het om algemeen beleid van de gemeente gaat (dus niet over "het parkeerbeleid", wel over de manier waarop medewerker X u behandelde toen u....)
Voor klachten over inspraak-procedures, die de centrale stad organiseert kunt u zich richten tot het College van Burgemeester en Wethouders of tot de gemeenteraad. Indien uw klacht wordt afgewezen, kunt u terecht bij de Gemeentelijke Ombudsman.
Stadsdeelraden houden inspraak en overleg over de besluiten, die zijzelf nemen. Wanneer u klachten heeft over de inspraak-procedure van de deelraden, zult u naar deelraad zelf moeten gaan.
Inspraakverordening als PDF-bestand
U kunt de inspraakverordening opvragen als PDF-bestand. Klik in de rechterbalk om het bestand te downloaden. Deze inspraakverordening geldt uitsluitend voor stedelijke initiatieven en projecten. Op 1 september 2003 zal de nieuwe Inspraakverordening van kracht worden. Ook deze vernieuwde verordening kunt u nu al downloaden.
Om een PDF-file te kunnen openen heeft u de Acrobat Reader nodig. Als u deze nog niet heeft kunt u hem gratis downloaden door de link hierboven te volgen.