Diep onder de indruk is ze van het Amstelveld, de ontmoetingsruimte van IBA op de tweede verdieping. Maar tijd voor een rondleiding door het nieuwe gebouw is er nu niet. Hetty Vlug van het Ontwikkel...
Diep onder de indruk is ze van het Amstelveld, de ontmoetingsruimte van IBA op de tweede verdieping. Maar tijd voor een rondleiding door het nieuwe gebouw is er nu niet. Hetty Vlug van het Ontwikkelingsbedrijf Gemeente Amsterdam (OGA) komt praten met Alexandra van Olst (IBA) over een nieuwe dimensie in de samenwerking tussen beide diensten.
Even voorstellen…
Hetty Vlug is adjunct-directeur van de sector Projecten bij het Ontwikkelingsbedrijf. Daarmee is ze opdrachtgever van IBA voor een aantal grootstedelijke projecten, zoals IJburg en de Zuidas. Voorheen was Hetty directeur Ruimtelijke Ordening in Zaanstad.
Alexandra van Olst is één van onze algemeen managers. Samen met Paul van Horn is ze verantwoordelijk voor het primair proces bij IBA. Ook Alexandra hield zich in het verleden bezig met ruimtelijke ordening; bij de Dienst Ruimtelijke Ordening (DRO) was ze projectmanager van het Amsterdamse structuurplan. Bij IBA kreeg ze meer te maken met de uitvoering. Ze werd daarbij niet meteen in het diepe gegooid. “Als introductie reden we in een 4-wheel drive langs de waterkeringen van IJburg”, herinnert ze zich.
Wat is die nieuwe dimensie in de samenwerking tussen IBA en het Ontwikkelingsbedrijf?
Alexandra en Hetty hebben samen, met behulp van het ontwikkelingsbudget van IBA en een bijdrage van het Ontwikkelingsbedrijf, een werkplan gemaakt voor de gezamenlijke ontwikkeling van producten zoals functioneel specificeren, beheer en vergunningen.
Alexandra: “Met de voorgestelde producten spelen we in op ontwikkelingen die we in 2006 verwachten in de bouwsector. Als we hier samen op anticiperen, staan we sterk.”
Hetty: “Wanneer je de nieuwste ontwikkelingen op een rijtje hebt, kun je risico’s beter en tijdig afdekken. Met het werkplan willen we onze reacties op nieuwe ontwikkelingen beter op elkaar afstemmen. Kortom: elkaar beter leren kennen.”
Voor het werkplan onderzoeken Alexandra en Hetty eveneens hoe meerwerk in een vroeg stadium kan worden voorkomen.
Alexandra: “Omdat IBA aan de kostenkant zit, is het belangrijk dat we actiever meedenken over hoe we kosten kunnen reduceren.”
Hetty: “Rekenen en tekenen tot in de laatste fase! Daar valt nog een inhaalslag in te maken.”
IBA is terug in het centrum, wat merkt het Ontwikkelingsbedrijf hiervan?
Het Ontwikkelingsbedrijf vindt het prettig dat beide diensten tegenwoordig in dezelfde straat zijn gevestigd. Het is een uitgesproken kans om elkaar beter te leren kennen, bijvoorbeeld door lunchbijeenkomsten van elkaar bij te wonen en op andere manieren kennis te delen.
Hetty: “Op die manier kunnen we elkaar versterken.” Gekscherend merkt Alexandra op: “Dat kost ze een hoop broodjes!”
Hetty vervolgt: “In de kantine van het Ontwikkelingsbedrijf kunnen opdrachtgevers en opdrachtnemers elkaar informeel ontmoeten. Vanuit zakelijk oogpunt worden de lijntjes steeds korter. Je stapt eerder op je collega/opdrachtgever af. Daar worden de projecten beter van en het kan de druk op de kosten verlagen.”
Alexandra: “IBA vindt een goede relatie met de opdrachtgever belangrijk en wil graag bestaande contacten intensiveren. Onder het mom ‘onbekend maakt onbemind’ traden IBA-medewerkers daarom op de offici ë le opening van ons nieuwe gebouw op als gastheer en gastvrouw. Op die manier verklein je niet alleen de fysieke, maar ook de gevoelsmatige afstand tussen opdrachtgever en opdrachtnemer.”
Carla Groot