Zoeken
Pad tot huidige pagina
Verbergen
Deze site bevat alleen archiefmateriaal! Ga voor de meest actuele informatie naar Amsterdam.nl

Vernieuwing in startblokken

3 april 2007

In het kort

Amsterdam werkt hard aan plannen voor grotestedenbeleid en stedelijke vernieuwing. Veel geld gaat naar de zogeheten ontwikkelingsgebieden: de westelijke tuinsteden, Amsterdam-Zuidoost en Amsterdam-Noord. Begin oktober organiseerde de Stedelijke Woningdienst een conferentie om de tussenstand te zien: wat gaat goed en wat kan beter?


Amsterdam werkt hard aan plannen voor grotestedenbeleid en stedelijke vernieuwing. Veel geld gaat naar de zogeheten ontwikkelingsgebieden: de westelijke tuinsteden, Amsterdam-Zuidoost en Amsterdam-Noord. Begin oktober organiseerde de Stedelijke Woningdienst een conferentie om de tussenstand te zien: wat gaat goed en wat kan beter?

'Wij zijn onder de indruk van de inzet en het enthousiasme waarmee in de betrokken gebieden wordt gewerkt. Er is veel ambitie en er schuilt een enorme kracht in de ontwikkelingen die in gang zijn gezet', schrijft het deskundigenpanel in de rapportage 'Stedelijke vernieuwing in de Amsterdamse ontwikkelingsgebieden.' Dit panel bestaat uit Willemien van Montfrans-Hartman (lid landelijke visitatiecommissie Grotestedenbeleid), Peter Dordregter (oud-directeur VNG) en Tineke van den Klinkenberg (directeur stichting Forum).
De Bijlmermeer is landelijk het beste voorbeeld van stedelijke vernieuwing. De vernieuwing begon in 1992 door het dreigende failliet van woningbouwvereniging Nieuw Amsterdam. Doel van de vernieuwing is om van de Bijlmermeer een aantrekkelijke en leefbare wijk te maken. Het stadsdeel Zuidoost, de gemeente Amsterdam en woningbouwvereniging Patrimoniun hebben de handen ineen geslagen en één organisatie gevormd. Het heeft geresulteerd in een grootschalige sloop van de flats en het bouwen van nieuwe wijken. Ook een deel van de verhoogde wegen gaan omlaag. (Zie ook pagina 3.)

Internationale uitstraling

Het panel vindt dat de prestaties in de Bijlmer een landelijke en internationale uitstraling hebben. Bijzonder te spreken is het panel over het enquêteren van bewoners, zodat er duidelijk inzicht in wensen van bewoners ontstaat. Ook roemt het panel de flexibele werkwijze, waardoor kon worden besloten meer hoogbouw te slopen dan men aanvankelijk van plan was. Kritiek is er onder ander op het beheer. Omdat er grote problemen waren met het beheer, is dit in een aparte organisatie ondergebracht, als een 'buitenboordmotor' van de vernieuwing. In de toekomst moet het weer deel worden van de Bijlmerorganisatie. Het panel maakt zich hier zorgen over.
In de westelijke tuinsteden staat de vernieuwing pas aan het begin. Ook hier wil men slopen en nieuwe huizen bouwen. Het gebied moet stedelijker en gevarieerder worden. In Amsterdam-Noord zijn de naoorlogse wijken Nieuwendam-Noord en de Banne aangewezen als stedelijke vernieuwingsgebied. Ook hier is men in het begin.

Harde noten

Het panel kraakt enige harde noten over het bestuur. Amsterdam besteedt te weinig aandacht aan de positionering van de verschillende gebieden ten opzichte van elkaar. Er worden geen keuzen gemaakt voor de eigenheid en sterkte van een gebied. Er ontbreekt een visie van de stad. Zoals burgemeester Cohen het op de conferentie in een reactie verwoordde: 'De gebieden hollen alle drie erg hard, maar niet dezelfde kant uit. We moeten ons dat als gemeente Amsterdam aantrekken.'

Veel geld

Bij de Stedelijke Vernieuwing gaat veel geld om. Tot 2005 heeft Amsterdam een bedrag van 601 miljoen gulden (272 miljoen euro) beschikbaar. Een deel van het geld is verdeeld over de stadsdelen. Voor 2002 is 183,6 miljoen gulden (83,3 miljoen euro) centraal gehouden. Dit is bedoeld voor diverse projecten, onder andere Bureau Parkstad (westelijke tuinsteden) en de vernieuwing Bijlmermeer.
Het panel heeft kritiek op de financiering van de stedelijke vernieuwing. De geldstromen zijn te versnipperd. Het panel stelt voor geld toe te kennen, afhankelijk van de mate waarin stadsdelen zich kunnen en willen binden aan het leveren van hun aandeel in de stedelijke geformuleerde prestaties. Wel is het panel positief over de ideeën die leven om de geldstromen beter op elkaar aan te laten sluiten.

Koopwoningen

Het verhogen van het aantal koopwoningen is een doelstelling van de stedelijke vernieuwing. In Noord stuit het slopen van huurwoningen en het bouwen van koopwoningen op grote weerstand bij bewoners. In de westelijke tuinsteden steunen bewoners en winkeliers de vernieuwing. Sloop wordt niet afgewezen. In de Bijlmermeer is het bouwen van koopwoningen een succes. Zelfs dure eengezinswoningen in de buurt van hoogbouw gaan grif van de hand, ondanks de hoge prijzen. Vooral de 'eigen Bijlmerbevolking' stroomt door, mede dankzij de regels voor woonruimteverdeling. Het deskundigenpanel meent dat ook andere stadsdelen mensen kunnen winnen voor de plannen door voorrang te geven aan zittende bewoners.

-----