Zoeken
Pad tot huidige pagina
Verbergen
Deze site bevat alleen archiefmateriaal! Ga voor de meest actuele informatie naar Amsterdam.nl

Keuze Zuidasmodel afhankelijk van samenwerking Rijk

Internationale toplocatie ook nationaal belang
19 december 2003

In het kort

De ontwikkeling van de Zuidas is zeer belangrijk voor de internationale positie van Amsterdam. Maar ook voor Nederland. Vandaar dat het Rijk de risico's wel wil delen. Tenminste, dat heeft minister Zalm in een bezoek aan de stad meegedeeld. In januari gaan gemeente en Rijk concrete afspraken maken over de samenwerking rondom de ontwikkeling van de Zuidas. Uitgangspunt voor de gemeente is dat de risico’s gelijkmatig worden verdeeld.


De ontwikkeling van de Zuidas is zeer belangrijk voor de internationale positie van Amsterdam. Maar ook voor Nederland. Vandaar dat het Rijk de risico's wel wil delen. Tenminste, dat heeft minister Zalm in een bezoek aan de stad meegedeeld. In januari gaan gemeente en Rijk concrete afspraken maken over de samenwerking rondom de ontwikkeling van de Zuidas. Uitgangspunt voor de gemeente is dat de risico’s gelijkmatig worden verdeeld.

Dok- of dijkmodel

Aanleg ZuidasDe Zuidas ligt tussen de rivieren de Amstel en de Schinkel, ten noorden en ten zuiden van de Ringweg A10-zuid. Er wordt al jaren gebouwd aan kantoren en woningen, maar het college van B&W wil meer. Het ideaal voor het gebied is het dokmodel. Deze dokvariant houdt in dat de infrastructuur ondergronds wordt aangelegd. Daardoor komt de ruimte erboven vrij om te bebouwen. Als een dok niet mogelijk blijkt, zal Amsterdam op eigen kracht het ‘dijkmodel’ realiseren. Bij dit alternatief wordt alle infrastructuur tussen de RAI en de Amstelveenseweg op een verbrede dijk aangelegd en vindt stedelijke ontwikkeling aan weerszijden daarvan plaats. Pas in 2005 zal de uiteindelijke keuze worden gemaakt tussen de twee modellen. Tot die tijd kan er gewoon worden doorgewerkt.

Eigen verantwoordelijkheid

Het college gaat ervan uit dat de partijen afzonderlijk verantwoordelijk zijn voor de aanleg van hun ‘eigen’ infrastructuur: het Rijk voor de zware rail, autowegen en het station voor de hogesnelheidstrein, de gemeente voor de tram- en metrosporen.

Wethouder Stadig: “We zijn realistisch. We weten dat er onvermijdelijk keuzes gemaakt moeten worden om te komen tot een voor de stad verantwoorde exploitatie. Amsterdam is echter overtuigd van de economische en stedenbouwkundige waarde van het dok.” In het ondernemingsplan zal ook de deelname van de provincie Noord-Holland en private partijen worden uitgewerkt.

-----