Persberichten
Stadsergonoom kan toegankelijkheid Amsterdam verbeteren
De komst van een stedelijke ergonoom kan ervoor zorgen dat de gebruiker in de stad weer centraler komt te staan bij de inrichting van de openbare ruimte. Door partijen samen te brengen, kennis te ontwikkelen en advies uit te brengen kan de stad voor iedereen toegankelijker worden gemaakt. Dit staat in de ‘Rapportage Stadsergonomie’, waarvan het college van B&W op 10 november kennis heeft genomen. Het college heeft ook ingestemd met de werkwijze van de stadsergonoom en met de lijst van projecten die hij gaat uitvoeren.
Marijke Vos, wethouder Openbare Ruimte: “Wij zijn allemaal gebruikers van de openbare ruimte. Dat betekent dus ook dat de stad voor iedereen toegankelijk zou moeten zijn. Helaas is dit niet altijd het geval. Als al tijdens het bouwproces rekening wordt gehouden met de eindgebruikers, hoeft er achteraf minder veranderd te worden. Ik hoop dat door de werkzaamheden van de stadsergonoom de Amsterdammers en bezoekers weer het middelpunt worden tijdens dit soort processen, waardoor we uiteindelijk een stad krijgen waar iedereen zich prettig in kan bewegen.”
Werkterrein van de stadsergonoom
De stadsergonoom gaat hard aan de slag. Hij zal het komende half jaar rapportages en quickscans maken van verschillende gebieden in de stad en zal gevraagd en ongevraagd advies geven.
De stadsergonoom gaat de komende maanden onder andere een quickscan maken van het Stationseiland, waar hij gaat kijken naar de routing. Hierbij wordt bijvoorbeeld gekeken hoe een toerist met zware koffers zich zal verplaatsen door het station, of hoe een blinde van het treinperron naar het busstation gaat. Ook van de in aanbouw zijnde stations van de Noord/Zuidlijn en van de bouw van IJburg 2 worden analyses gemaakt. Naar aanleiding hiervan kunnen eventueel nog aanpassingen worden gedaan om deze ruimten toegankelijker te maken voor iedereen.
Daarnaast gaat de stadsergonoom een handboek voor bruggen maken. Zo wordt een bundeling gemaakt van technische manieren om toegankelijke bruggen te bouwen, waarbij rekening wordt gehouden met bijvoorbeeld de doorvaarhoogte.
De rapportage en de werkwijze zijn geschreven op verzoek van de gemeenteraad. Behandeling in de Raadscommissie voor Zorg en Milieu is op 2 december.
Laurien van Velzen
■■■
College stelt nieuwe kunstenplansystematiek voor (al eerder op 10 november gepubliceerd)
Het college van B&W doet voorstellen tot verbetering van de Amsterdamse kunstenplansystematiek. Diverse evaluaties en discussies zijn aan dit voorstel voorafgegaan. In 2006 is al in het programma-akkoord vastgelegd dat de systematiek na twintig jaar moet worden herzien. Voorop staat dat de afstand tussen politiek en kunst te groot is geworden. Het gevolg is dat er te weinig binding is tussen kunst- en cultuursector en stad en dat er te weinig sturing is vanuit de politiek. Het college doet concrete voorstellen om deze knelpunten in de huidige systematiek te ondervangen.
Wethouder Carolien Gehrels (Kunst en Cultuur): “Dit college wil de verbindingen tussen de politiek, het culturele veld en de Amsterdammer versterken. Deze nieuwe manier van werken dwingt ons om met elkaar in alle openbaarheid van gedachten te wisselen over de essentiële beslissingen in kunst en cultuur, in relatie tot de ambities van de stad.”
De culturele infrastructuur van Amsterdam
De gemeente Amsterdam zal als basis voor haar cultuurbeleid gaan werken met een culturele infrastructuur Amsterdam. Deze culturele infrastructuur is vergelijkbaar met de structuur die landelijk is gekozen. Het gaat hierbij over het samenhangende geheel van functies waarop het culturele leven in Amsterdam steunt. Uiteraard is een dergelijke structuur niet statisch. Door ontwikkelingen in stad en samenleving zullen onderdelen afvallen en zullen er nieuwe functies bij komen. Ook kan binnen de structuur verschil worden aangebracht tussen functies die, gezien vanuit de traditie en de bedrijfsvoering, een langjarig subsidieperspectief nodig hebben en functies die gebaat zijn bij flexibiliteit.
Verkenning en Vooruitblik
Om beter in beeld te krijgen hoe het Amsterdamse kunstenveld er uit ziet en functioneert, wil het college de vierjaarlijkse Verkenning invoeren, die wordt opgesteld onder verantwoordelijkheid van de Amsterdamse Kunstraad. Het doel is een beeld te krijgen over de volle breedte van de bestaande culturele voorzieningen: zowel in het centrum als in de stadsdelen en zowel van het gesubsidieerde als het niet gesubsidieerde deel. De kunstsector zelf wordt betrokken bij het opstellen van de Verkenning.
Een ander vast onderdeel van het Kunstenplan wordt de Vooruitblik, die volgt op de Verkenning. Het college stelt zich hierbij een serie debatten voor waaraan het culturele en het politieke veld breed deelnemen. Onderwerp is de vraag: Wat is er terecht gekomen van de cultuurpolitieke ambities? De Verkenning en de Vooruitblik dienen als opmaat naar de hoofdlijnennota.
Kwaliteit
Omdat het beoordelen van de kwaliteit van kunstinstellingen van groot belang is, wil het college drie criteria benoemen voor de bepaling van het begrip kwaliteit: de artistiek-inhoudelijke kwaliteit en het zakelijke vermogen, het belang voor de stad en het publieksbereik. De exacte invulling en toepassing van die criteria is een zaak van de Kunstraad. Wel is essentieel dat de Kunstraad alle betrokkenen hierover aan de start van het traject inzicht geeft, zodat helder is op welke manier de beoordeling plaatsvindt.
De kunstschouwen
Om de verbinding tussen politiek en veld te versterken en om nieuwe ontwikkelingen aan te jagen, stelt het college voor om in lijn met het advies van Roel in ’t Veld kunstschouwen aan te stellen als bijzonder adviseur van het college en de gemeenteraad. Het zijn personen die hun sporen in de kunstwereld hebben verdiend en een uitstekend overzicht hebben over het culturele landschap. Het college stelt voor om voor het Kunstenplan 2013-2016 twee kunstschouwen aan te stellen: een kunstschouw voor Wereldklasse en een voor Laboratorium.
De Amsterdamse Kunstraad
Duidelijk is dat de rol en positie van de Kunstraad als gevolg van voorstaande plannen verandert. De Kunstraad heeft ook zelf de wens uitgesproken om tot vernieuwing te komen. Ook de werkwijze van de Kunstraad zal veranderen: er komt meer ruimte voor dialoog en hoor en wederhoor. Bezien moet worden welke consequenties dit heeft voor de samenstelling van de Kunstraad, het bestuur en het bureau van de Kunstraad.
Het volgende Kunstenplan 2013-2016 zal volgens de nieuwe systematiek worden uitgevoerd. Sommige onderdelen, zoals de kunstschouw, zijn nieuw en moeten in de praktijk hun waarde bewijzen. De invoering zal daarom met voorzichtigheid, stapsgewijs moeten plaatsvinden; geen revolutie maar een evolutie.
De notitie ‘De nieuwe kunstenplansystematiek’ is integraal te downloaden op: www.dmo.amsterdam.nl.
Robert Wichink
■■■
Andere A-besluiten
(genomen op basis van stukken en discussies)
Openbare Orde en Veiligheid
Het college heeft ingestemd met de reactie aan actiegroep Ailove Amsterdam over beleid en regelgeving, vooral in stadsdeel Centrum. De reactie bevat de volgende punten: In het voorjaar van 2010 zal het college een notitie aan de gemeenteraad uitbrengen met informatie over het terrassenbeleid in andere steden. De notitie zal als basis dienen voor een debat in de gemeenteraad. Ailove Amsterdam is opgeroepen een actieve bijdrage te leveren in het debat over sta-terrassen. De overige punten uit de petitie van Ailove Amsterdam wordt overgedragen aan het dagelijks bestuur van stadsdeel Centrum.
Bestuurlijk Stelsel
Het college heeft de notitie ‘Uitwerking implementatieplan inrichting nieuwe stadsdeelorganisaties’ vastgesteld. Hierin zijn aanvullende kaders gesteld voor de opdracht aan de kwartiermakers en programmamanagers bij het samenvoegen van de stadsdeelorganisaties. Dit besluit staat ter kennisneming geagendeerd voor de vergadering van de raadscommissie op 3 december.
Het college heeft de 1e voortgangsrapportage (half juli tot half oktober 2009) verbeteringen bestuurlijk stelsel, waarin verslag wordt gedaan van de vorderingen van de kwartiermakers en de programmamanagers bij het samenvoegen van de stadsdeelorganisaties, vastgesteld. Ook heeft het college ermee ingestemd om de basisrapportage conform de Regeling Risicovolle Projecten van toepassing te verklaren voor het project Samenvoegen stadsdeelorganisaties. Op 10 juni jl. heeft de gemeenteraad ingestemd met de raadsvoordracht ‘Vaststellen verbeteringen bestuurlijk stelsel en wijziging Verordening op de stadsdelen’. Bij de raadsbehandeling is toegezegd de gemeenteraad op kwartaalbasis te informeren over de voortgang van de implementatie van de verbeteringen in het bestuurlijk stelsel. Ook heeft het college ermee ingestemd om de Regeling Risicovolle Projecten van toepassing te verklaren voor het project Samenvoegen stadsdeelorganisaties. De bijbehorende basisrapportage is vastgesteld. Dit besluit staat ter kennisneming geagendeerd voor de vergadering van de raadscommissie op 3 december.
Het college is akkoord met het voorgenomen besluit over de hoofdstructuur van de nieuwe stadsdelen Nieuw West, West, Zuid en Oost. Dit betekent dat het college per stadsdeel instemt met de organisatieplannen. Onderdeel van deze plannen zijn bijvoorbeeld de uitgangspunten voor de nieuw in te richten stadsdeelorganisaties. Op 5 januari 2010 kan een definitief besluit volgen. Ondertussen wordt ook gewerkt aan de fijnstructuur van de vier nieuwe stadsdelen. Dat staat in december op de agenda van het college. De instellingsdatum van de nieuwe stadsdelen is 1 mei 2010.
Het college heeft kennis genomen van de resultaten van de Quickscan bestuursgebonden programma’s. Daarnaast heeft het college opdracht gegeven voor het laten uitvoeren van een eindevaluatie voor elk (nog lopend) programma. Deze evaluaties worden formeel vastgesteld waarna een expliciet besluit wordt genomen om een programma wel of niet voort te zetten. Daarnaast heeft het college besloten om in het overdrachtdossier voor de nieuwe bestuursperiode op te nemen dat nieuw te starten programma’s worden voorzien van een concrete einddatum en evaluatie in het laatste loopjaar van het programma. Naar aanleiding van de behandeling van de 4e kwartaalrapportage van het Stedelijk Programma Regelgeving en Handhaving op 9 juni jl. heeft het college besloten de gemeentesecretaris opdracht te geven om te onderzoeken of en hoe de continuïteit in de uitvoering wordt bewaakt bij het beëindigen van die programma’s’ die verbonden zijn aan de huidige bestuursperiode. In overleg met de gemeentesecretaris is gekozen voor een inventarisatie van de programma’s waarbij gekeken wordt of en wanneer de programma’s aflopen, of ze geëvalueerd worden en of de uitvoering wordt ondergebracht in de lijnorganisatie.
Juridische Zaken
Het college heeft ingestemd met wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) in verband met de invoering van de Dienstenwet per 28 december 2009 waarmee de EU-Dienstenrichtlijn in de nationale wetgeving wordt geïmplementeerd. De Dienstenwet bevat een aantal normen waaraan vergunningstelsels, ook lokale, moeten voldoen. Een van die normen is de lex silencio positivo die erop neer komt dat wanneer niet binnen de wettelijke termijn (voor APV-vergunningen is dat acht weken) een beslissing op een aanvraag om vergunning is genomen, deze vergunning van rechtswege wordt geacht te zijn verleend. De lex silencio positivo moet van toepassing worden verklaard op de vergunningstelsels die onder de reikwijdte van de Dienstenrichtlijn vallen tenzij er dwingende redenen van algemeen belang zijn die zich daartegen verzetten. Vergunningen zoals de exploitatievergunning voor horecabedrijven, prostitutie- en escortbedrijven komen dan ook niet voor toepassing van de lex silencio positivo in aanmerking. De lex silencio positivo wordt op de volgende vergunningen van toepassing verklaard:
- Vergunning voor straatartiesten en muzikanten
- Vergunning voor het aanbieden van diensten op de openbare weg.
- Ontheffing voor het maken van reclame met een bord of doek of met een voer- of vaartuig.Ontheffing voor het verspreiden van voorwerpen voor reclamedoeleinden.
- Ontheffing voor het in de openbare ruimte parkeren van voertuigen van een autobedrijf.
- Ontheffing voor het veroorzaken van geluidhinder door middel van onder andere toestellen, machines voor zover die hinder niet valt onder de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder en de Wegenverkeerswet.
Ook worden er nog twee technische wijzigingen van artikeldelen in de APV aangebracht.
Publicatie in het Gemeenteblad. Behandeling in de raadscommissie is op 3 december.
Werk en Inkomen
Het college heeft ingestemd met de vaststelling van het Meerjarenbeleidsplan Inkomen en Armoedebeleid 2010-2013. Dit jaarlijkse plan bevat de hoofdlijnen van het gemeentelijke beleid op het terrein van inkomensondersteuning en armoedebestrijding. Het plan vormt de basis voor het verdeelvoorstel armoedemiddelen voor 2010. De volgende voorstellen uit het plan zijn:
- Voortzetting van het bestaande inkomensbeleid.
- Voortzetting van bestaande en aanvullende armoedevoorzieningen zoals scholierenvergoeding.
- Voortzetting van de bijdrage aan de stadsdelen voor schuldhulpverlening.
- Inzet op interventies om armoede te voorkomen of om mensen eruit te halen.
- Beëindiging van de extra bijdrage aan onder andere activiteiten stadspas voorjeugd.
- Beëindiging van de DWI-bijdrage aan de gratis bibliotheekkaart voor stadspashouders.
In het Meerjarenbeleidsplan is rekening gehouden met de gevolgen van de economische crisis. Ook zijn de uitkomsten van de begrotingsbesprekingen 2010 (Baak) verwerkt. Behandeling in de raadscommissie is op 3 december en in de gemeenteraad op 16 en 17 december.
Programma Maatschappelijke Investeringen
Het college heeft ingestemd met aanvullende toetsingscriteria PMI (Programma Maatschappelijke Investeringen) voor het verdeelvoorstel van 2010. In 2006 is het college akkoord gegaan met de toetsingscriteria op grond waarvan PMI-bijdragen aan de stadsdeelbesturen kunnen worden toegekend. De aanvragen van de stadsdeelbesturen gaan het beschikbare budget ruim te boven. Gezien de beperkte financiële ruimte van de gemeente en daarmee ook voor het PMI, is het van belang aanvullende criteria te hanteren.
Educatie
Het college heeft ingestemd met de herinzet middelen onderwijs 2010 voor Kwaliteitsaanpak Basisonderwijs Amsterdam (KBA) 2010. Dit is een belangrijke prioriteit van het college. De toegekende middelen voor KBA voor 2010 zijn niet toereikend om de kosten van de in 2010 geplande deelname van 63 scholen te dekken. Voor de jaarschijf is € 8,3 miljoen begroot. Het programma bestaat uit vier programmalijnen: 1) de verbeteraanpak (lijn 1), 2) het professionaliseren van personeel (lijn 2), 3) het verbeteren van de samenwerking met OCW, onderwijsinspectie en andere (lijn 3), en 4) de leesaanpak (lijn 4). Behandeling in de raadscommissie is op 3 december en in de gemeenteraad op 16 december.
Diversiteit
Het college heeft ingestemd met het beschikbaar stellen van een budget voor het opstellen van de Monitor Diversiteit en Integratie 2009. Hiervoor wordt maximaal een bedrag van € 90.000 beschikbaar gesteld. In de monitor wordt de stand van zaken op het gebied van integratie en van diversiteit weergegeven. Integratie wordt gemeten aan de hand van de mate van participatie en politieke participatie. Behandeling in de raadscommissie is op 3 december en in de gemeenteraad op16 december.
Inburgering
Het college heeft kennis genomen van de rapportage Kostenvergelijking uitvoering Wet Inburgering. Uit de uitzending van NOVA van 29 januari jl. komt naar voren dat de kosten van inburgering in Amsterdam met ruim € 12.000 per inburgeraar hoger liggen dan in andere gemeenten. Deze conclusie kan op basis van dit onderzoek echter niet worden omschreven. Het blijkt dat Amsterdam in de kostprijsbepaling een aantal kosten heeft meegenomen die in de overige gemeenten niet zijn meegerekend. Zo is Amsterdam, in tegenstelling tot de overige gemeenten, bij de kostentoerekening uitgegaan van inburgering in ‘brede’ zin, dus inclusief WWB-trajecten, alfabetiseringstrajecten en trajecten na het inburgeringexamen. Behandeling in de raadscommissie is op 3 december.
Het college heeft ingestemd met de afrekening stadsdelen inburgeringsactiviteiten 2007-2008, en gaat akkoord met het vergoeden van extra geleverde diensten door de stadsdelen (taalwijzers) ter hoogte van € 121.683. In de financiële regeling (Herinrichting) Inburgering Amsterdam is de financiële invulling van de samenwerking tussen centrale stad en stadsdelen beschreven. Op basis hiervan hebben de stadsdelen voorschotten ontvangen en deze zijn weer doorbetaald aan de Taalwijzers. Omdat de inburgeringsketen in 2007 en 2008 onvoldoende op orde was konden de stadsdelen volgens de gemaakte afspraken hun werk niet doen en hebben ze extra werk verricht, vooral bij de informatie- en adviesfunctie.
Zorg
Het college heeft kennis genomen van de notitie rond de besluitvorming van de decentralisatie van het Ouder Kind Centrum (OKC) en de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) van 20 augustus jl. van de centrale stad naar de stadsdelen. Daarnaast heeft het college ingestemd met het plan om de decentralisatie van OKC/JGZ per 1 januari 2011 te laten ingaan. Ter verbetering van het bestuurlijk bestel wordt er opnieuw gekeken naar de verdeling van taken tussen de centrale stad en de stadsdelen. De taken van OKC/JGZ worden overgeheveld naar de (zeven) stadsdelen die een gezamenlijke overeenkomst met de GGD aangaan. De GGD is verantwoordelijk voor de uitvoering van de JGZ-taken. De centrale stad stelt wel kaders op aan de stadsdelen zodat de dienstverlening, binnen de stad naar de burger toe, op eenduidige wijze georganiseerd is.
Het college heeft ingestemd met de conceptraadsvoordracht waarbij de gemeenteraad wordt voorgesteld in te stemmen met een aanvullend krediet van € 5 miljoen voor de Wmo ICT. Ook wordt gevraagd de kosten hiervan ten laste te brengen van de begrotingspost Wmo overige uitgaven. Het ICT-proces rondom alle handelingen van de cliënten die gebruik maken van Wmo-voorzieningen wordt afgehandeld door de Wmo ICT. Door het beschikbaar stellen van een aanvullend krediet wordt de overschrijding op het krediet niet in één keer ten laste gebracht van het resultaat 2009. Behandeling in de raadscommissie op 2 december en in de gemeenteraad op 16 december.
Personeel en Organisatie
Het college heeft kennis genomen van het advies van de Centrale Ondernemingsraad (COR) over de vaststelling van het gemeentebrede generieke functiegebouw. De COR adviseert positief op het besluit, maar verbindt hier wel een aantal condities aan zoals het evalueren van de voortgang op twee momenten in 2010 en een opleidingsplan voor het management dat betrokken is bij het nieuwe functiegebouw. Het college heeft ingestemd met het concept van het gemeentebrede functiegebouw. Het generieke functiegebouw is onder meer ontwikkeld om de interne concurrentie tussen organisaties van de gemeente te verminderen, de organisatorische samenhang te versterken en het aantal functies te reduceren zodat het functiegebouw overzichtelijk blijft. Bij de inrichting van de nieuwe stadsdeelorganisaties wordt gebruik gemaakt van dit gemeentelijke functiegebouw.
Het college heeft kennis genomen van de resultaten van gesprekken met directeuren en controllers van diensten en bedrijven. Hierin is gekeken naar waar extern personeel vervangen kan worden door (flexibel) vast personeel. De gemeente heeft drie categorieën inhuur: inhuur van specialistisch personeel, inhuur van tijdelijk personeel/uitzendkrachten en inhuur van personeel op bedrijfsvoering en advies. Het college heeft ermee ingestemd dat er beleidsvoorstellen komen om inhuur van externen structureel te verminderen. Een van de maatregelen is het opzetten van gemeentebrede arbeidspools in 2010 en 2011 op die onderdelen waar veel vraag naar is, zoals ICT en financiën. Daarnaast wordt in 2010 de positie op de arbeidsmarkt versterkt door doelgroepstrategieën te ontwikkelen, waarmee de gemeente met de markt kan concurreren bij moeilijk vervulbare vacatures. De komende periode zal externe inhuur ook beter inzichtelijk worden gemaakt in begrotingen en rekeningen om zo beter te kunnen sturen. Er is eerder al een aantal acties in gang gezet om de inhuur van extern personeel te verminderen. Zo is het begrip externe inhuur opnieuw gedefinieerd, waardoor beter inzichtelijk wordt waar en waarom inhuur van externen soms onvermijdelijk en goedkoper is, en waar mogelijk bezuinigd kan worden. Door onderscheid te maken tussen verschillende vormen van externe inhuur kan beter worden gestuurd op maatregelen, waardoor efficiënter wordt omgegaan met externe inhuur. Daarnaast wordt er voor de fusie van de stadsdelen een arbeidsmarktplatform opgezet, dat in het voorjaar van 2010 bij succes zal worden uitgebreid naar alle diensttakken. Dit platform kan zo fungeren als motor voor verbetering en verbreding van de inzetbaarheid en mobiliteit. De gemeenteraad heeft in 2007 de motie Mulder c.s. aangenomen. Daarin wordt de gemeentelijke organisatie voor de jaren 2009-2012 aangespoord een bezuiniging van € 20 miljoen op de ambtelijke organisatie op te leggen waarvan de helft op externe inhuur. Daardoor zullen de kosten op externe inhuur bruto in die jaren dalen. Omdat het werk wel moet worden uitgevoerd wordt de netto besparing van € 10 miljoen gedeeltelijk gerealiseerd. Het college werkt daarom aanvullende bezuinigingsvoorstellen uit.
Ruimtelijke Ordening
Het college vraagt de gemeenteraad een voorbereidingsbesluit te nemen ter voorbereiding van de bestemmingsplannen Sloterdijk III en IV (haven en recreatiegebied West). Het gebied maakt onderdeel uit van het grootschalige werkgebied Westpoort. Omdat het niet mogelijk is om voor de afloop van de huidige voorbereidingsbesluiten een bestemmingsplan ter inzage te leggen is het gewenst opnieuw een voorbereidingsbesluit te nemen. Op die manier kunnen ongewenste ontwikkelingen worden voorkomen. Behandeling in de raadscommissie is op 2 december en in de gemeenteraad op 16 december.
Het college vraagt de gemeenteraad in te stemmen met een aantal nieuwe leden van de Commissie voor Welstand en Monumenten. Per 1 januari 2010 zullen deze leden toetreden tot de commissie. De leden hebben een specialisme in architectuur of beeldende kunst. Er wordt ook een adviseur woonboten aangesteld. Daarnaast wordt aan twee leden van de commissie eervol ontslag ontleend. De Verordening op de Commissie voor Welstand en Monumenten en de Bouwverordening bepalen de termijnen voor benoeming en ontslag van de leden van de commissie. Behandeling in de raadscommissie is op 2 december en in de gemeenteraad op 16 december.
Het college vraagt de gemeenteraad het bestemmingsplan Kop Zuidas vast te stellen. Het bestemmingsplan heeft in de zomer ter inzage gelegen. Naar aanleiding daarvan zijn enkele, veelal technische wijzigingen ingevoerd. Het bestemmingsplan voorziet in de bouw van 480 woningen, een ROC, een dansacademie, kantoren en een theater. Het gebied is nu al volop in uitvoering. Het stadsdeelkantoor en woningen zijn gerealiseerd, aan de synagoge wordt gebouwd, het ROC zal dit jaar starten met de nieuwbouw en volgend jaar staat de start van kantoren en theater rond het theaterplein in de planning. Het college vraagt ook het uitvoeringsbesluit en de financiële paragraaf voor het plan vast te stellen. Behandeling in de raadscommissie is op 2 december en in de gemeenteraad op 16 december.
Grondzaken
Het college heeft kennis genomen van de negenmaandsrapportage ‘OGA Financieel Gefundeerd’. De voortgangsrapportages dienen ter verbetering van het jaarrekeningproces van het Ontwikkelingsbedrijf Gemeente Amsterdam. Behandeling in de raadscommissie is op 2 december.
Verkeer, Vervoer en Infrastructuur
Het college vraagt de gemeenteraad het project ‘Inpassing wegverbreding Schiphol, Amsterdam, Almere (SAA)’ aan te wijzen als grootstedelijk project. Rijkswaterstaat gaat de capaciteit van het wegennet tussen Schiphol, Amsterdam en Almere vergroten. De wegverbreding snijdt twee stadsdelen: Oost-Watergraafsmeer (A-10 Oost) en Zuidoost (A9- Gaasperdammerweg). Zowel de centrale stad als de beide stadsdelen zijn de laatste jaren nauw betrokken geweest bij het project. De planning is dat in 2011 wordt gestart met de werkzaamheden. Om eenduidig en slagvaardig te kunnen optreden is het tijdens de uitvoeringsfase van belang dat er één bevoegd bestuurlijk aanspreekpunt is voor bijvoorbeeld de aanvraag van vergunningen. Daarom is besloten het project aan te wijzen als een grootstedelijk project, waardoor de bevoegdheid bij de centrale stad komt te liggen. Behandeling in de raadscommissie is op 9 december en in de gemeenteraad op 16 december.
Het college is akkoord met de bestuurlijke reactie aan de gemeenteraad over de motie van het raadslid R.E. Flos (VVD) over P+R in relatie tot de wachtlijstproblematiek. In haar reactie laat het college weten dat zij geen P+R abonnementen gaat uitgeven aan mensen die op de wachtlijst staan voor een parkeervergunning, aangezien de wensen voor parkeertijden van mensen op de wachtlijst niet goed te combineren zijn met het gebruik van P+R locaties. Het college concludeert dit naar aanleiding van een enquête onder mensen die op de wachtlijst voor een parkeervergunning staan.
■■■
B-besluiten
(routinematig; geen stukken)
Juridische Zaken
- Bezwaarschrift van D.R. van Hemert Stakenburg tegen het besluit van 23 mei 2006 tot verlenging van de instandhoudingstermijn voor het plaatsen van een aantal bouwwerken op het Stenen Hoofd.
- Bezwaarschrift van mr. H.F.M. Struycken, namens de Stichting Hells Angels, gericht tegen de weigering bouwvergunning voor het clubgebouw en twee opslagloodsen aan de H.J.E. Wenckebachweg 13.
Diversiteit
- The Other Businessman Verkiezing 2009.
Zorg
- Verlenen van projectsubsidies aan HvO-Querido voor inzet bij het Instroomhuis en het Bureau aanmelding en plaatsing voor 2009.
- Verlenen van projectsubsidies voor 2009 aan HvO-Querido voor verbetering van het passantenverblijf en voor inkomstenderving bij de nachtopvangvoorziening.
Milieu
- Vaststellen structurele subsidie 2008 Milieucentrum Amsterdam.
Stukken die horen bij de in het college van B&W genomen A-besluiten zijn in principe openbaar en zijn - op aanvraag - vanaf de woensdag na de dinsdagvergadering in te zien in het Voorlichtingsloket.
■■■
Raad en raadscommissies
Voor de actuele agenda’s, inclusief de vergaderstukken, zie www.gemeenteraad.amsterdam.nl.
De bovenstaande gegevens waren bekend op de dag voor de verschijningsdatum van deze publicatie. Informatie over de definitieve agenda’s van de vergaderingen van de gemeenteraad en de raadscommissies kunt u enkele dagen tevoren krijgen in het Voorlichtingsloket van de gemeente Amsterdam. Daar liggen ook de bij de vergaderingen behorende stukken ter inzage.
Adres Voorlichtingsloket:
Stadhuis, Amstel 1, 1011 PN AMSTERDAM
Telefoon 14 020