Op deze pagina
Maatschappelijke Ondersteuning Amsterdamse stijl:
Niet afhankelijk maken ván zorg maar zo zelfstandig mogelijk leven mét zorg
Het Wmo-beleidsplan 2012-2016 is vandaag, 12 juli, vastgesteld door de gemeenteraad. Amsterdam kiest er in dit nieuwe plan voor om zelfstandigheid te bevorderen, de toegang tot zorg en ondersteuning te verbeteren en de afstemming van vraag en aanbod te vereenvoudigen. Wethouder Zorg, Eric van der Burg: "Ons doel is om mensen niet afhankelijk te maken van zorg, maar zo zelfstandig mogelijk te laten leven met zorg".
Amsterdam is het afgelopen jaar op het gebied van zorg en welzijn een nieuwe weg ingeslagen. Het nieuwe Wmo-beleidsplan 2012-2016 gaat voort op deze ingeslagen weg en de vorig jaar gepresenteerde Amsterdamse Zorgvisie. Uitgangspunt is de verantwoordelijke Amsterdammer die zelf regie voert over zijn leven en de gemeente Amsterdam die dit stimuleert. Niet zorgen voor, maar zorgen dat. Tegelijkertijd krijgen kwetsbare groepen prioriteit. Mensen die zorg en ondersteuning nodig hebben, kunnen daarop rekenen. Met dit beleidsplan wil de gemeente zelfstandigheid en eigen verantwoordelijkheid bevorderen en de zorg verbeteren.
Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)
De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is gemaakt om te zorgen dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig blijven functioneren en mee kunnen doen in de samenleving. In principe zorgen mensen voor zichzelf en elkaar. Als dat niet lukt, dan kunnen mensen bij de gemeente terecht voor zorg en ondersteuning.
De Wmo is er voor ouderen en mensen met een handicap of een chronisch psychisch probleem. Zij kunnen de gemeente vragen om ondersteuning zoals thuiszorg of een rolstoel.Ook is de Wmo er ook voor het stimuleren en zo nodig versterken van mantelzorgers en vrijwilligers die zorg en ondersteuning bieden.
Iedere vier jaar stellen gemeenten volgens de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)een beleidsplan op. Het plan stelt de kaders voor het uit te voeren beleid over maatschappelijke ondersteuning. Dit is het tweede Amsterdamse beleidsplan. Bewoners en organisaties op het gebied van zorg en welzijn hebben in een inspraakperiode een reactie op het Wmo plan 2012-2016 kunnen geven. Een aantal van deze ideeën is in het Wmo beleidsplan meegenomen.
Landelijke ontwikkelingen
Veel van wat Amsterdam met de Wmo wil bereiken is afhankelijk van landelijke ontwikkelingen. Zo hebben de veranderingen in de langdurige zorg (AWBZ) consequenties voor de Wmo. Over de precieze maatregelen op het gebied van de AWBZ is nog veel onduidelijk. Duidelijkheid is pas te verwachten als er een nieuw kabinet is gevormd. De verwachting is echter dat ook een volgend kabinet met maatregelen komt die de toenemende uitgaven voor langdurige zorg moeten beteugelen. Dit heeft grote gevolgen voor de Wmo.
De AWBZ is in de toekomst alleen nog voor de meest kwetsbaren. En hoewel de pgb-maatregel in het lente-akkoord enigszins is verzacht, komen vanaf 1 januari 2013 minder mensen in aanmerking voor een persoonsgebonden budget (pgb). Consequentie voor de Wmo is dat de kans bestaat dat mantelzorgers zwaarder worden belast en dat de vraag naar mantelzorgondersteuning en vrijwilligers stijgt. Het nieuwe Wmo beleidsplan speelt op deze ontwikkelingen in.
Eén Wmo-beleidsplan, vijf programma's
De komende vier jaar is de maatschappelijke ondersteuning in Amsterdam gebaseerd op vijf programmalijnen.
1 Eigen verantwoordelijkheid & maatschappelijke participatie
Stad en stadsdelen werken de komende jaren aan het versterken en stimuleren van vrijwilligerswerk en mantelzorg. Er is een grote bereidheid onder Amsterdammers om van betekenis te zijn voor een ander, voor de buurt of de vereniging. Het aantal Amsterdammers dat zich belangeloos inzet voor een ander groeit, dit wordt de komende tijd verder gestimuleerd. Mensen die ver van de arbeidsmarkt afstaan en een bijstandsuitkering ontvangen worden gestimuleerd om vrijwilligerswerk te doen in de buurt en ondersteuning te bieden waar mensen zorg hard nodig hebben. Vrijwillige inzet is een goede manier om mee te doen in de maatschappij en eenzaamheid en isolement te voorkomen.
2 Versterken zelfstandigheid
Amsterdam wil dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig hun leven inrichten en eigen keuzes kunnen maken. De dienstverlening van stad en stadsdelen is er op gericht de eigen kracht te versterken en om te voorkomen dat mensen in een later stadium zwaardere zorg of begeleiding nodig hebben. Hierbij is een minimumniveau van dienstverlening met de stadsdelen afgesproken.
3 Eenvoudige regelgeving, betere dienstverlening
Bij het zelfstandig inrichten van je leven hoort ook dat je op eigen kracht eenvoudige zorg en ondersteuning kan organiseren of mogelijkheden kan vinden om vrijwilligerswerk te doen. Amsterdam richt de dienstverlening daarop in. De loketten Zorg en Samenleven worden brede sociale loketten waar mensen ook terecht kunnen met vragen over gezonde leefstijl en activiteiten in de buurt. Op termijn komen deze loketten op zeven centrale locaties in de stad. De meeste mensen zijn echter goed in staat zelf via internet een antwoord op hun vragen te vinden. Daarom is digitale informatievoorziening minstens zo belangrijk.
4 Maatschappelijke opvang
Amsterdam wil niet dat mensen op straat leven of langer dan nodig verblijven in de maatschappelijke opvang. De gemeente zet in op preventie, opvang en participatie met het accent op herstel. Dat is de kern van de tweede fase van het Plan van Aanpak Maatschappelijke Opvang G4 en Rijk 2006-2013. In de eerste fase is de zwaarste problematiek aangepakt. Mensen die op straat leefden, hebben grotendeels onderdak gevonden. De komende jaren ligt de nadruk op het voorkomen dat iemand opnieuw dakloos wordt of te lang in de maatschappelijke opvang blijft. Amsterdam voert hierbij een streng toelatingsbeleid: alleen dakloze Amsterdammers met regiobinding, OGGZ- problematiek en zonder de mogelijkheid om buiten de maatschappelijke opvang hun problemen aan te pakken, krijgen toegang.
5 Aanpak huiselijk geweld
Kwetsbare personen, zoals ouderen en kinderen, mogen erop rekenen dat direct bescherming en hulpverlening geboden wordt bij mishandeling. Bij signalen van huiselijk geweld wordt zo snel mogelijk ingegrepen. Amsterdam investeert in kennis over geweld, de gevolgen ervan en wat bewoners voor zichzelf of anderen kunnen doen om geweld te stoppen. Er komt meer expertise en hulpverlening beschikbaar om geweld tegen ouderen tijdig te signaleren en aan te pakken.